Recensie: Husbands and wives van Toneelgroep Amsterdam / Simon Stone

●●●●○


HUSBANDS AND WIVES

TONEELGROEP AMSTERDAM / SIMON STONE



Door RiRo, gezien 19 juni 2016   

Jack en Sally komen op bezoek bij hun vrienden Gabe en Judy. De bedoeling is dat ze met z'n vieren ergens gaan eten. Als Jack en Sally vertellen dat ze, in goed overleg, uit elkaar gaan, schrikt Judy daar enorm van. Ze vraagt zich af of ze nog wel zin heeft in dat etentje. Vanuit die beginsituatie schetste Woody Allen in zijn film Husbands and wives (uit 1992) hoe er twijfels in het huwelijk van Gabe en Judy sluipen, twijfels die er tenslotte toe leiden dat die twee uit elkaar gaan. Terwijl Jack en Sally, na kortstondige verhoudingen met een ander, juist weer bij elkaar komen.

Hélène Devos (1989) speelt alle vrouwelijke bijrollen: de studente op wie Gabe verliefd wordt, de aerobicjuf waarmee Jack een verhouding heeft, en een callgirl. Allemaal jonge vrouwen. En dat doet Devos heel geloofwaardig. En heel goed. In al die rollen. Robert de Hoog (1988) heeft alle mannelijke bijrollen. Hij speelt dus vooral personages die veel ouder zijn dan hijzelf is. Zoals de tijdelijk minnaar van Sally, de ex van Judy, en de analyticus van de twintigjarige schrijfster van een essay over orale seks in tijden van deconstructie. Maar hij slaat zich daar manmoedig doorheen.

Marieke Heebink, als Sally, zet, als ze in het huis van haar nieuwe verovering haar ex belt, op een sublieme manier de toon voor de humor in de voorstelling. Humor die regisseur Stone gebruikt om de wat gedateerde tragikomedie over relatieperikelen ook voor een publiek van nu genietbaar te maken. Vooral door de twintigjarige studente Rain assertiever neer te zetten dan Juliette Lewis dat deed in de film, draagt ook Hélène Devos daar met haar spel in belangrijke mate aan bij.

Ramsey Nasr, als Gabe, de professor die verliefd wordt op zijn twintigjarige studente, maar ook Aus Greidanus jr, als Jack die valt voor de wat zweverige Samantha, en Halina Reijn als de passief-agressieve Judy die erg gecharmeerd is van haar collega Michael, blijken zich te kunnen vinden in wat Simon Stone met zijn interpretatie van de tragikomedie Husbands and wives voor ogen heeft.

Want de Australische regisseur Simon Stone (1984) heeft de film van Allen afgestoft, opgefrist, en er vaart en humor in gebracht. En hoewel hij de tekst van het script van Woody Allen bijna volledig overneemt, en in kleding en enscenering gewoon in het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw blijft, is zijn Husbands and wives veel beter, veel expressiever en veel sneller dan het origineel.

Een film van vijfentwintig jaar geleden met vooral pratende hoofden, waarin voor locatieveranderingen en flash-backs nogal eens naar de noodgreep van de voice-over werd gegrepen, transformeert de jonge talentvolle Stone met zijn formidabele regie in sprankelend, soepel lopend hedendaags theater. Waarin hij vooral in de overgangen tussen de scènes met geniale vondsten komt.

Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar:  Toneelgroep Amsterdam

Recensie: Privacy van De Warme Winkel, Wunderbaum

●●●●○


PRIVACY

DE WARME WINKEL, WUNDERBAUM



Door RiRo, gezien 10 juni 2016   

Een slaapkamer, een bed. Met een gordijn ervoor. Aan de zijlijn geeft de 'Oostenrijkse' muzikale begeleider S.M. Snider in slow motion een samenvatting van wat we zullen gaan zien. Op het gordijn dat als projectiescherm dient, verschijnt Wine Dierickx als de Sloveense filosoof Slavoj Zizek. In Engels met Sloveense tongval zet ze, zet hij, het thema, het kader van de voorstelling neer: zijn bedachte identiteiten onechter dan het ware zelf? En als het publieke zelf nu eens het ware zelf blijkt te zijn, en 'het ware zelf' het onderdrukken daarvan? ”There can be more truth in the mask that you adopt than in your real, inner self.”

Voor een historisch perspectief spelen Weemhoff en Dierickx vervolgens kunstenaarsparen die net als zijzelf hun privéleven publiekelijk maakten. John Lennon en Yoko Ono in hun gefilmde Bed-in voor de wereldvrede in het Hilton in Amsterdam. Jeff Koons met zijn partner, pornoster en parlementslid Cicciolina. En Tracey Emin met het tentoonstellen van My Bed, haar onopgemaakte bed inclusief bebloede slipjes en gebruikte condooms. Dierickx laat in dit inleidende deel weer eens zien hoe geweldig goed ze kan acteren. Wel een beetje jammer dat Weemhoff in zijn vertolking van Lennon met nogal gratuite kritiek komt aanzetten.

Maar het zij hem vergeven. Want wat na dat inleidende half uur gebeurt, is zo opwindend en zo goed! En het blijft een vol uur lang opwindend en goed, tot de laatste seconde in het donker toe. De kunstenaars Weemhoff en Dierickx spelen zo overtuigend (én ontroerend, én schrijnend, én humoristisch) een authentiek verhaal over het privéleven van Ward en Wine, dat hun voorgangers met terugwerkende kracht exhibitionistische poseurs lijken die geen kunst maar kitsch maakten.

Bijna onbeweeglijk staan ze daar. Naakt. Gezicht naar de zaal, bijna geen interactie. Eerst over het niet zwanger kunnen worden, wat ontaardt in een twistgesprek over of dat kwam door dood zaad, de mening van Wine, of gegijzeld zaad, de overtuiging van Ward. Ze gaan in op wat het ivf-traject met hun relatie deed. Met humor en ironie houden ze het voor het publiek draaglijk. 

Allebei spreken ze op harde toon, in wat je misschien zou kunnen omschrijven als een agressieve staccatostijl. Een slimme theatrale vondst. Want daardoor is het theater, en tegelijkertijd toch persoonlijk. Of lijkt het dat te zijn. Want dat is waar ze ons óók mee confronteren: met de vraag wanneer ze Ward en Wine de geliefden zijn, en wanneer Weemhoff en Dierickx de acteurs.

Het blijft intiem, persoonlijk, 'authentiek'. En ook bij Ward's gastro-enterologische problemen en Wine's anale seks met Arend P blijven Dierickx en Weemhoff de wat over the top manier van praten hanteren. Pas aan het slot verandert dat, dan gaan ze liefdevol en zacht met elkaar om. Als ze naar het publiek toelopen, naakt nog steeds, wordt hun lichaamstaal natuurlijker, praten ze op een 'gewone manier', zachter, uiteindelijk fluisterend. Nu zijn ze hun ware zelf. Of nu juist niet?

Het eerste half uur is Privacy uitbundig theater. Met alles erop en eraan. Verkleedpartijen, pruiken. Maar als Weemhoff en Dierickx zich in het uur daarna volledig blootgeven, is het theater zoals ik dat nog nooit heb gezien. Heel spannend. Heel ontroerend. Heel humoristisch. Heel indrukwekkend.

Privacy van De Warme Winkel, Wunderbaum ging op 20 april 2016 in Berlijn in première.

Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar:  De Warme Winkel

Recensie: Die Stunde da wir nichts voneinander wussten van Thalia Theater Hamburg

●●●○○

 

DIE STUNDE DA WIR NICHTS VONEINANDER WUSSTEN

THALIA THEATER HAMBURG



Door RiRo, gezien 4 en 6 juni 2016

Een plein. Ergens in Europa. Zakenlieden met aktetassen lopen af en aan, allemaal in een net even andere kleur grijs, ook de uniformen van twee brandweermannen zijn grijs. Vijftig tinten grijs. Misschien wel meer dan vijftig. Op dat plein, ergens in Europa, ontmoeten mensen elkaar. Of lopen juist langs elkaar heen.

Een schoonmaker die 's morgens het plein veegt, fluit een flard van een liedje. Een oude man, alles wat hij bezit in twee tassen, huilt. Maar de personages spreken niet met elkaar. Na ongeveer tien minuten krijgt de voorstelling kleur, een meisje in een vrolijk jurkje komt op en slaat met een hamer op de vloer.

Het Estse regie-duo Ene-Liis Semper en Tiit Ojasoo heeft aan het uitsluitend uit regieaanwijzingen bestaande Die Stunde da wir nichts voneinander wussten van Peter Handke ruim een uur nieuwe scènes toegevoegd. Vooral over actuele Europese vraagstukken. De rode draad is verandering. Europa verandert. Mensen veranderen.

Europa krijgt te maken met migranten, vluchtelingen, nieuwe religieuze conflicten, milieuproblematiek, de invloed van de sterkere Chinese economie. Mensen krijgen andere inzichten, worden verliefd, verliezen hun baan, komen terug van een oorlog in een ver land, en worden oud. In de voorstelling veranderen ook de stereotype situaties. In precies dezelfde choreografie als de blanke zakenlieden in de beginscène, bewegen later, in het veranderde Europa, zakenlieden met een Aziatisch uiterlijk. En, bij het paradijselijke slot, naakte zakenlieden.

De beste momenten, vind ik, zijn die waarin het lukt om de essentie van zo'n stereotype situatie of van zo'n verandering in een zo kort mogelijke scène te vatten. Een van mijn favoriete scènes is de verandering van piloot in stewardess en stewardess in piloot. Minder geslaagd vind ik de langere scènes, vooral in het laatste uur van de voorstelling. Daarin wordt vaak net iets teveel uitgelegd.

Omdat er een muur moet kunnen draaien, en de vloer van het podium daarom waterpas is gemaakt, is die meer dan een halve meter verhoogd. Dan worden normaal gesproken de stoelen van de voorste rijen weggehaald. Dat is nu niet gebeurd. 'Wel een beetje dom' zou Maxima hebben kunnen zeggen. Misschien hééft ze het wel gezegd. Want vanuit de koninklijke loge zag ze hoe ik eerst nog regelmatig mijn handen op de stoelleuningen plaatste en mezelf omhoog drukte. En het na verloop van tijd opgaf en me moedeloos onderuit liet zakken.

Zaterdag bij de openingsvoorstelling van het Holland Festival, ik zat op de voorste rij, heb ik van Die Stunde da wir nichts voneinander wussten dus niet veel gezien.

Maandag weer naar de schouwburg. Voor dezelfde voorstelling. Maar nu op een goede plaats. De sfeer is heel anders dan zaterdag. Behalve dat er natuurlijk niemand is die over Lex en Max zegt 'Ze ziet er wel mooi uit hè', is het publiek in de zaal nu veel levendiger, wordt er veel meer gelachen. Daarmee vergeleken was het zaterdag in de schouwburg vol genodigden dus maar een dooie boel.

Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL 

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Thalia Theater 

Recensie: Writing life, writing Europe van György Konrád & Marjolijn van Heemstra

●●●○○

 

WRITING LIFE, WRITING EUROPE

GYORGY KONRAD & MARJOLIJN VAN HEEMSTRA



Door RiRo, gezien 3 juni 2016

Writing life, writing Europe bestaat uit twee elkaar aanvullende delen. Eerst een lezing van drie kwartier van Konrád zelf. Daarna een theatrale reflectie op leven en werk van de Hongaarse schrijver door Marjolijn van Heemstra. En tussendoor voor iedereen Fütyülös. Stevig spul is dat.

György Konrád liet de tekst van zijn lezing in het Engels vertalen en leest voor. Zijn performance is niet bepaald sprankelend. Tot twee keer toe schuift een medewerker van Frascati de microfoon wat verder weg. Want het hoofd van de drieëntachtigjarige schrijver komt langzaam maar gestadig naar voren. Alsof hij al voorlezend in slaap sukkelt.

De lezing van de schrijver van meesterwerken als De medeplichtige en Tuinfeest die halverwege de jaren tachtig van de vorige eeuw in Nederlandse vertaling verschenen, gaat maar over één onderwerp. Over het gevaar van moslimmigranten voor Europa. Want de islam is in de ogen van Konrád net zo'n totalitair systeem als het nazisme en het communisme dat hij als joodse Hongaar aan den lijve ondervond.

Met individuele migranten zegt Konrád geen probleem te hebben, die hebben volgens hem kans op succes. Maar de massale toestroom van nu bedreigt Europa. Ze zullen niet integreren. Ze zullen onze democratische verworvenheden niet omarmen. Ze zullen de seculiere wetten van hun nieuwe land niet accepteren. Kortom, de beroemde Hongaarse schrijver, wiens werk tot 1988 in zijn eigen land verboden was, waarschuwt drie kwartier lang tegen de islamisering van Europa.

Zou het Marjolijn van Heemstra in haar bijdrage lukken om dat verhaal een beetje in perspectief te plaatsen, want zelf deed Konrád dat niet. Ja, dat lukt haar. Heel goed zelfs.

Op een vergelijkbare manier als in haar voorstelling Bommenneef beschrijft ze hoe ze omgaat met een waarheid die ze niet verwachtte. In dit geval wat er met haar gebeurde toen ze op bezoek bij Konrád in Boedapest geconfronteerd werd met zijn opvattingen.

Ze gebruikt de schommel uit de roman Tuinfeest om op het podium de sfeer van Konrád als elfjarige jongen op te roepen. Ze beschrijft de sfeer van onderdrukking en vervolging die Konrád meemaakte, waardoor zijn huidige opvattingen begrijpelijker worden. Maar ze zet ze ook af tegen hoe ze zelf was als elfjarige. Hoe ze in het m&m-kostuum van een Amerikaanse op een international zomerkamp in Norwich samen met een in Chinese klederdracht gestoken Mexicaanse leeftijdsgenoot aan tai-chi doet voor de wereldvrede.

Je bent te 'blau-augig' zegt Konrád in Boedapest tegen Van Heemstra. Te naïef. Toen spraken ze Duits. Vandaag doet Van Heemstra haar theatrale bijdrage in het Engels: “For him his story is the reason to close the border, for me his story is a reason to open it.” Beiden komen oprecht over, Konrád met zijn waarschuwing, Van Heemstra met haar openhartige en heel geslaagde theatrale reactie daarop. Dat maakt Writing life, writing Europe tot een bijzondere ervaring.

Gezien tijdens RE:CREATING EUROPE

Recensie: Dijkdrift van Silbersee & Calefax

●○○○○

DIJKDRIFT

SILBERSEE & CALEFAX



Door RiRo, gezien 25 mei 2016


Op een eiland wonen alleen mannen. Ze zijn voortdurend zandzakken aan het vullen. Want ze moeten zich beschermen tegen hun vijand, tegen het water van de zee. Geen enkele vrouw is er op hun eiland. Op één na alle mannen houden er het geloof op na dat op een dag 'la Femina' zal verschijnen om hen te redden, om hen genade te schenken, hen te verlossen. Die ene andere man, een jongen nog, heeft een afwijkend geloof: 'La dia dat la Femina kome; ella moge met mihi blasfemica bedrijvere; al nunc ella make mihi lijve ferma tusse mi bene (…)'.

Voor het libretto van de opera Dijkdrift bedacht toneelschrijver Jibbe Willems een neo-archaïsch taaltje, ergens tussen het Nederlands en kerkelijk latijn in, met voor Nederlanders herkenbare woorden uit het Italiaans en af en toe het Spaans. De eerste tien minuten is dat leuk. De vierde keer 'Et als elle kome, elle zal ons reddere, et als elle kome, tuti kome bene' gaat het me al behoorlijk de keel uit hangen.

Uiteindelijk verschijnt de vrouw. En geloof het of niet, ze is gekleed in een maagdelijk witte jurk en blauwe omslagdoek. Ze blijkt niet 'la Femina', maar een gewone 'animale vaginale'. Ze wordt dus gestraft, en de jongen wordt gekruisigd. En geloof het of niet, die hangt dan aan een houten kruis met zijn hoofd een beetje naar opzij gebogen. Op het nippertje komt alles goed en is er 'amore' tussen de vrouw en de jongen. Zodat er bij de laatste 'kleve-liquido kan gaan vloeiere exito mihi picca.'

Kortom een kinderachtig verhaaltje in een puberaal taaltje. Niet ongebruikelijk bij opera heb ik me laten vertellen. Daar zou een regisseur dus best nog wat van kunnen maken. Door een originele stilering bijvoorbeeld. Maar dat doet Annechien Koerselmans niet. Haar regie maakt het alleen maar erger: platte een-op-een symboliek (Mariabeeld, kruisiging, laatste avondmaal, monnikspijen), en een saaie naturalistische speelstijl. En muzikaal? Stelt het muzikaal wat voor? Daar mogen de collega's muziekrecensenten zich over uitlaten. Als toneelrecensent beperk me tot het theatrale. 

Gezien tijdens FESTIVAL KARAVAAN 

 Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Calefax

Recensie: Re-enactment of the Now van Theater Utrecht / Davy Pieters

●●○○○  


RE-ENACTMENT OF THE NOW

THEATER UTRECHT / DAVY PIETERS


Door RiRo, gezien 17 mei 2016


Op een tribune in de open lucht kijken we terug vanuit de toekomst naar het nu. We zoomen in. Steeds verder. Eerst naar de aarde. 'The most special planet'. 'Because it contains live'. Dan naar Europa. En tenslotte naar het Nederland van 2016. Naar een man die tevergeefs probeert zijn brommer te starten. Die daarom terugloopt naar zijn huis om een jerrycan benzine te halen. En het dan opnieuw probeert. Van die man met zijn brommer zoomen we weer uit. Naar overstromingen en andere rampen. Naar de gevolgen van de klimaatveranderingen die het leven bedreigen.

De locatie is adembenemend mooi. Vanaf onze zitplaatsen kijken we uit over grasland. We horen vogels fluiten. We zien her er der een plukje gele bloemen. Rechts van ons gaat langzaam de zon onder. En in de verte, aan de horizon, zien we de skyline van de stad Utrecht.

De tekst op onze koptelefoons is in het Engels. Vandaar 'the most special planet' en 'it contains live'. En die live voice-over, uitgesproken door Thomas Dudkiewicz, is nogal belerend. Het zijn de belerende woorden van iemand die problemen graag terugbrengt tot zinnen in eenvoudig Engels. Van iemand die vindt dat hij wat milieuproblematiek betreft aan de goede kant staat. En die de wereld bekijkt vanuit voor iedereen makkelijk te begrijpen standpunten.

Ook bij deze voorstelling van het regietalent Davy Pieters (1988) is de soudscape weer van Jimi Zoet. En ook deze keer is die van hoge kwaliteit. De vijf acteurs zijn op flinke afstand van de tribune. Dat versterkt weliswaar het ruimtelijke effect van deze locatievoorstelling. En het levert af en toe mooie beelden op, zoals die met de rode paraplu's. Maar subtiel acteren kan dan natuurlijk niet. Door de afstand tot het publiek moet het noodzakelijkerwijs met grote gebaren.

Maar het grote verschil met de twee eerdere voorstellingen die ik van Pieters zag, The Truth About Kate en How Did I Die is de tekst. Bij Re-enactment of the Now vind ik die beneden de maat.

Gezien tijdens SPRING PERFORMING ARTS FESTIVAL

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Theater Utrecht

Recensie: Primera Carta de San Pablo a los Corintios, Cantata BWV 4 Christ lag in Todesbanden, Oh Charles! van Atra Bilis Teatro / Angélica Liddell

●●●○○

 

PRIMERA CARTA DE SAN PABLO A LOS CORINTIOS, CANTATA BWV 4 CHRIST LAG IN TODESBANDEN, OH CHARLES!

 

ATRA BILIS TEATRO / ANGELICA LIDDELL



Door RiRo, gezien 6 mei 2016


De Catalaanse theatermaker en performer Angélica Liddell verandert in Primera Carta de San Pablo a los Corintios, Cantata BWV 4 Christ lag in Todesbanden, Oh Charles! de schouwburg in een kerk. In een katholieke kerk. Want ze maakt van het podium een altaar waarop ze de mis van haar seksueel getinte passie opdraagt. Liddell gelooft niet in God. Zegt ze. Desondanks maakt ze theater alsof hij wel bestaat. Om ons daarmee het omgaan met zijn niet-bestaan te laten ervaren?

Bij de eerste scènes van de voorstelling heb ik nog geen idee waar het over gaat: geen tekst, alleen maar heel veel christelijke symboliek. Ik weet niet zo goed wat ik daarmee moet. Maar dan meen ik in de goudkleurig gespoten naakte acteur sekteleider Charles Manson te herkennen. Dat zal de Charles uit de voorstellingstitel zijn. Maar verder. Nee, dat begin is voor mij veel te symbolisch.

Eindelijk tekst. In het Zweeds. Uit speakers. Uit een film van Bergman. Over liefde en geloof. Ik begin iets te begrijpen van wat Liddell met de voorstelling wil. Terwijl we de geprojecteerde vertaling van die Zweedse tekst meelezen, gebeurt er ondertussen niets op het podium. Ik kijk even snel om me heen. Ben benieuwd hoeveel toeschouwers vanavond weg zullen lopen. Vijf. Dat valt me mee.

Maar daarna, na ongeveer een half uur, Angélica Liddell zelf aan het woord. In heel snel Spaans. Een monoloog. Twee monologen eigenlijk. De eerste gebaseerd op Emily Dickinson's The Queen of Calvary. De tweede op de Eerste brief van Paulus aan de Korintiërs. Ik ga naar het puntje van mijn stoel. Wow! Nu gebeurt er wat! Het is niet zo dat de relatie christendom en seksualiteit mijn favoriete onderwerp is. Het is de furieuze manier waarop Liddell de tekst de zaal in slingert. Aan het slot van de tweede monoloog ben ik zelfs bereid te geloven dat je alleen via liefde voor 'hem' tot 'Hem' kan komen. Terwijl ik niks heb met 'Hem'.

In de voorstellingsinformatie was al verklapt dat er onder medische begeleiding bloed zou worden afgetapt van één van de acteurs. Het duurt nogal lang voor er voldoende bloed uit de arm van de acteur is gekomen. Steeds zoekt de arts oogcontact met de technici achter in de zaal, totdat uiteindelijk het bevrijdende teken komt dat het zo wel genoeg is. Maar dat live afknippen van het lange haar van een vrijwilligster! Dat vind ik wél schokkend, merk ik.

Aan het einde van de voorstelling zijn we weer terug bij alleen maar symboliek. Met vijf, van boven kale en van onder behaarde, naakte vrouwen. In devote aanbidding van Charles. Maar nu, nu ik inmiddels iets meer begrijp van Liddell's bedoelingen met Primera Carta de San Pablo a los Corintios, Cantata BWV 4 Christ lag in Todesbanden, Oh Charles!, nu zit ik gefascineerd te kijken. Na het applaus moet ik zelfs even blijven zitten om bij te komen van wat ik in die anderhalf uur allemaal heb meegemaakt. Wat mooi dat de Amsterdamse Schouwburg zo'n ongebruikelijke en weerbarstige voorstelling op het programma durft te zetten!

Recensie: Don Carlos van Toneelschuur Producties / Nina Spijkers

●●●○○

 

DON CARLOS

TONEELSCHUUR PRODUCTIES / NINA SPIJKERS



Door RiRo, gezien 23 april 2016

De klassieker Don Carlos van Friedrich Schiller speelt zich af aan het eind van de zestiende eeuw, toen persoonlijke belangen nog volledig ondergeschikt waren aan de absolute macht van de monarch. Maar Schiller schreef zijn Don Carlos aan het eind van de achttiende eeuw, een tijdperk waarin nieuwe, humanistische ideeën over individuele vrijheid opkomen.

In de bewerking van de jonge regisseur Nina Spijkers (1988) is Don Carlos een talige voorstelling. Met vier acteurs die de rigoureus gesnoeide tekst helder vertolken. Maar Spijkers' Don Carlos boeit vooral door de verrassende regievondsten. Er zijn zeven personages. Xander van Vledder speelt soms Carlos. Justus van Dillen heeft een belangrijk aandeel in het vertolken van Posa. Linde van den Heuvel is zo nu en dan Elisabeth, en Judith Noyons de prinses van Eboli. Maar de acteurs zeggen ook regelmatig simultaan de tekst. Vooral in het begin werkt dat goed. Voegt het iets toe. Op den duur gaat het ook wel wat irriteren. Want het maakt het inleven in een personage er niet makkelijker op. 

Verrassende regievondsten zei ik. Maar als ik er teveel over zeg, of als ik ook nog eens ga uitleggen hoe het zit met die drie andere personages is de verrassing er natuurlijk af. Laat ik het zo zeggen: er is niet een acteur die Philip II speelt (of de graaf van Lerma, of de schildknaap). En toch is de dialoog tussen Posa en Philips II een hoogtepunt in de voorstelling. De acteurs veranderen in die dialoog voortdurend de verhoudingen. Het begint met 1-3 om uiteindelijk uit te komen op 4-0. Ik geef toe dat dit waarschijnlijk nogal cryptisch is als je de voorstelling (nog) niet hebt gezien.

Nu weer een begrijpelijke alinea. Don Carlos, de kroonprins van Spanje, is wanhopig, hij moet moeder zeggen tegen Elisabeth, de vrouw op wie hij smoorverliefd is. Want om politieke redenen is Philips II, zijn vader, zelf met haar getrouwd. De utopistische markies van Posa probeert de hartstochtelijke gevoelens van Carlos zo te manipuleren dat hij ze kan gebruiken voor zijn eigen passie: de opstand in de Nederlanden. Aan het hof in Madrid, in het centrum van de macht, offert hij uiteindelijk zijn jeugdvriend Carlos op om zijn idealen te verwezenlijken.

Er is een nadeel aan de aanpak van Spijkers. Door het extreem inkorten van de oorspronkelijke tekst gaan er nuances verloren. Ook de psychologische ontwikkeling van een van de hoofdrolspelers in het verhaal, Philips II, schiet er door Spijkers' aanpak bij in. Daar staat tegenover dat door het decor, de fraaie kostuums, de snelle wisselingen, én de tot op zekere hoogte goed gelukte regievondsten Don Carlos een interessante en boeiende voorstelling is geworden. Een voorstelling waarmee een jonge regisseur laat zien dat ze over kwaliteiten en over lef beschikt.
 
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar:  Toneelschuur Producties

Recensie: The little foxes van Het Nationale Toneel / Antoine Uitdehaag

●●●○○

 

THE LITTLE FOXES

HET NATIONALE TONEEL



Door RiRo, gezien 17 april 2016


Wat zonde dat na de pauze de hoge kwaliteit van The little foxes niet volgehouden wordt! De voorstelling lijkt op weg naar vier, of zelfs vijf sterren. Maar het tweede deel is beduidend minder. Echt zonde!

The little foxes van Lillian Hellman, geschreven in 1939, spelend in het zuiden van de Verenigde Staten van rond 1900, is door regisseur Antoine Uitdehaag verplaatst naar het begin van de jaren '60 van de vorige eeuw. Hoofdthema is hebzucht, rijk worden over de rug van anderen. Maar The little foxes gaat ook over de afhankelijke positie van de vrouw. En over hoe een nieuwe generatie zich daaruit losmaakt.

Oscar, de minst snuggere (Jappe Claes), zijn slimmere broer Ben (Mark Rietman) en hun gefrustreerde maar keiharde zus Regina (Anniek Pheifer) sluiten een zeer profijtelijke deal met een investeerder uit Chicago. Omdat ze 'de machines naar de katoen halen in plaats van katoen naar de machines te brengen' zullen ze alle drie heel rijk worden. Tenminste als Regina's man, die met hartklachten in het ziekenhuis ligt, mee wil werken. Regina's dochter Alexandra volgt het ondertussen allemaal van een afstandje. Sally Harmsen, die Alexandra speelt, houdt haar armen over elkaar.

Bij dramatische scènes worden we door muziek een beetje geholpen om te voelen wat we zouden moeten voelen, maar verder is er niet zo veel op het eerste deel aan te merken. Het is realistisch toneel, het neigt naar komedie. Maar omdat Anniek Pheifer en Mark Rietman, en ook Bram Suijker, als Leo, wel de grens van het kluchtige opzoeken maar daar net niet overheen gaan, werkt die aanpak. En, niet onbelangrijk, de spanning wordt er niet door verstoord. Want The little foxes is ook een thriller.

Hoe is het mogelijk dat die lijn na de pauze niet kan worden doorgetrokken? Oom Ben dreigt zich aan nichtje Alexandra te vergrijpen. Maar in het verdere verloop van de voorstelling wordt daar niets mee gedaan. Een verzwakte hartpatiënt in een rolstoel, Regina's echtgenoot, gespeeld door Pieter van der Sman, bijna dood, is nog wel in staat om voortdurend te schreeuwen, zoals in oubollig toneel. Waardoor de voor het verhaal belangrijke scène tussen man en vrouw niet subtiel genoeg is.

En dan het slot. Meteen al na de pauze zit Sally Harmsen niet meer met haar armen over elkaar, haar Alexandra is nu aandachtig, ellebogen op haar knieën, handen onder haar hoofd. Het begin van een verandering denk ik dan, het neventhema, het zelfstandig worden en vooral het opstandig worden van de dochter, zal nu worden uitgewerkt. Maar dat gebeurt nauwelijks. Als Alexandra na de dood van haar vader zegt niet met haar inmiddels heel rijk geworden moeder mee te gaan naar Chicago, komt dat dan ook veel te veel als een verrassing.

Maar dan nog. Wat zou het mooi zijn als de voorstelling zou eindigen met het gedecideerde 'Nee, morgen zal het niet anders zijn' van Alexandra, als antwoord op haar moeders suggestie dat ze er na een nachtje slapen wel anders over zal denken en toch wel met haar mee naar Chicago zal willen gaan. Een mooi krachtig slot zou dat zijn. Dan was Dylan met Subterranean Homesick Blues helemaal niet nodig geweest.

Of, ik ben heel brutaal vandaag, ik bemoei me gewoon met de regie, als het neventhema dan toch niet echt wordt uitgewerkt, waarom dan het einde niet al wat eerder? Waarom niet al aan het slot van het hoofdthema? Waarom niet meteen nadat Ben tegen zijn al even hebzuchtige zus Regina zegt: 'De wereld ligt open voor ons. Open voor mensen zoals jij en ik. Klaar voor ons, wachtend op ons. (…) Wij komen er wel' ?

Vier, misschien wel vijf sterren, dacht ik nog tijdens de pauze. Maar na het zwakke tweede deel niet meer. Aan Mark Rietman en Anniek Pheifer ligt het niet. Wat mij betreft mogen die voor hun spel in de hele voorstelling, dus ook het deel na de pauze, meteen op de lijst voor de Louis d'Or en de Theo d'Or.
 
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar:  Het Nationale Toneel

Recensie: Q&A van Frascati Producties / Naomi Velissariou & Dood Paard

●●●○○

 

Q&A

FRASCATI PRODUCTIES / NAOMI VELISSARIOU & DOOD PAARD



Door RiRo, gezien 8 april 2016



Een jonge vrouw (Naomi Velissariou) is in haar huiskamer bezig met het scheren van haar benen, ze bereidt zich voor op een feest. Bij een kast met opwindspeelgoed is een man in een openhangende kimono (Gilles Biesheuvel) ook bezig met zijn lichaamsverzorging. Een rustig, beeldend begin.

Dan begint de man te spreken. Hij heeft het over de godenzoon Ares, de meedogenloze, die genoot van geweld en bloedbaden, die juichte bij de doodskreten van stervenden, en over Phobos, de schrik, en Deinos, de angst. Na die proloog neemt de vrouw het woord. Ze blijkt in paniek te zijn omdat haar afgeprijsde jurk niet is bezorgd, want ze was niet thuis toen de postbezorger aanbelde.

Deze voorstelling zal gaan over angst, over de kleine en grote angsten van de vrouw in haar inmiddels toch nog bezorgde feestjurk. En over angst voor geweld. Want zonder dat het expliciet over de recente aanslagen gaat, spelen die op de achtergrond van het verhaal voortdurend mee. Op het feest bijvoorbeeld lijkt bij elke deur een beveiliger te staan. En in de straat van de vrouw in de strak gesneden feestjurk duiken plotseling gewapende mannen met zwarte bivakmutsen op die posities innemen rond een huis.

Het duurt even voordat ik het door heb, of denk door te hebben, want de voorstelling gaat vanaf het moment dat de sterk acterende Biesheuvel klaar is met zijn proloog en Velissariou met haar gebruikelijke krachtige spel aan haar eerste monoloog begint, meteen in de vijfde versnelling. En het verhaal ontwikkelt zich ook nog eens razendsnel. Wat voor wezen is de man in die openhangende kimono eigenlijk? Niet gewoon een mens. Wat dan wel? Een geest? Iets tussen een god en een mens in?

En als Biesheuvel de postbezorger of de Uberchauffeur speelt, zijn dat dan materialiseringen van een bovennatuurlijk wezen? Ja, dat moet het zijn. De man in de zwarte onderbroek en de openhangende kimono is zowel het geweten van de vrouw in de feestjurk met de hoge split, als haar beschermengel die opduikt wanneer ze in gevaar is. Én haar kwelgeest. Zoals bij Socrates een daimon. Ik ben blij dat ik het eindelijk door heb, of denk door te hebben.

En nu achteraf, nu ik de voorstelling nog eens in alle rust, dus zonder de gejaagde stemmen van Biesheuvel en Velissariou, de revue kan laten passeren, raak ik er steeds meer van overtuigd dat Q&A vooral een heel goed geschreven en heel vernuftig gecomponeerde tekst is over de angst die ons leven binnen kan kruipen, zowel de existentiële angst, die dan wel van alle tijden is, maar die iemands leven plotseling kan gaan beheersen, als de angst door de recente aanslagen. Dus als er één naam is die ik hier nu moet noemen, is dat de naam van schrijver van die prachtige toneeltekst: Rik van den Bos.

 
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar:  Frascati Producties