Recensie: De Welwillenden van Toneelhuis en Toneelgroep Amsterdam / Guy Cassiers

●●●●○


DE WELWILLENDEN

TONEELHUIS EN TONEELGROEP AMSTERDAM / GUY CASSIERS



Door RiRo, gezien 6 april 2016  

Hoe vaak je dat woord ook al hebt gehoord of gelezen, als het voor het eerst in de voorstelling wordt gebruikt, komt het toch weer hard aan. Entlösung, de definitieve oplossing van de Judenfrage. Halverwege 1942 werd daartoe door de leiding van de Nazi's besloten. Maar al daarvoor, vanaf de inval in Rusland in 1941, waren speciale eenheden, die meteen achter het oprukkende Duitse leger opereerden, in Oost-Europa begonnen met het systematisch vermoorden van Joden. En de hoge officier Max Aue, hoofdfiguur uit het boek De welwillenden van Jonathan Littell was daarbij.

Hans Kesting, die Max Aue speelt, loopt naar voren. In zijn gewone kleren nog. Ja, ik was erbij, zegt hij. In de Oekraïne. En ja, ik deed eraan mee. Maar ik ben geen psychopaat, geen sadist. Ik ben net als u. Durft u met zekerheid te zeggen dat u het anders zou hebben gedaan? Kesting laat lange pauzes vallen tussen zijn zinnen. In de zaal, het zaallicht is nog aan, is het doodstil. Het lijkt erop dat iedereen zich hetzelfde afvraagt: Wat zou ik hebben gedaan in die omstandigheden? Een indrukwekkende en indringende openingsmonoloog is het. Een monoloog waardoor je bereid bent iets te gaan doen waar je niet vrolijk van gaat worden: kijken naar een voorstelling over de vernietiging van de Europese Joden vanuit het perspectief van een van de daders.

In het deel voor de pauze voert obersturmführer Aue verhitte discussies met andere Nazi-officieren, raakt onder de indruk van een vioolspelend Joods jongetje, en is aanwezig bij de slachting van meer dan 30.000 Joden bij een ravijn in de buurt van Kiev. Hij vertelt dat hij daar meer was dan alleen rapporteur en getuige. Dat hij ook zelf heeft gedood. Weliswaar om Joden die al dodelijk gewond waren uit hun lijden te verlossen. Maar toch. In lange monologen probeert hij steeds te begrijpen wat er met hem gebeurt, en waarom het gebeurt. Kesting doet dat ijzingwekkend goed. Die monologen zijn de hoogtepunten van de voorstelling. Uiteindelijk wordt Aue wegens geruchten over zijn homoseksualiteit overgeplaatst naar Stalingrad. Pauze.

In het tweede deel van de voorstelling zijn we in Berlijn. Daar houdt Aue zich bezig met de Arbeidseinsatz, de gedwongen inzet van Joden in de oorlogsindustrie. In gesprekken met Eichmann (Katelijne Damen) draagt hij argumenten aan om voor dat doel een groter deel van de Joden beschikbaar te stellen. Maar het accent van de Nazi's ligt nu op het zo efficiënt mogelijk vernietigen. Op de logistieke en andere praktische problemen die daarmee samenhangen. In een gesprek met een vriendin (Abke Haring) komt Aue nog tot een soort biecht over zijn aandeel in de gruwel. Maar uiteindelijk, als de nederlaag van Duitsland onafwendbaar is, vermoordt hij zijn vriend Thomas Hauser (Kevin Janssens). En vlucht hij naar Frankrijk.

Even wat detailkritiek. Ik ben niet zo'n liefhebber van jongetjes op het toneel. Dat heeft zo gauw de schijn van effectbejag. Het ontvangen van het pakketje met de bladmuziek van Rameau als het vioolspelende jongetje al is vermoord, dat zou toch net zo dramatisch zijn geweest als er niet eerder in de voorstelling fysiek een jongetje op het podium had gestaan? En dan de eerste scène na de formidabele openingsmonoloog van Hans Kesting, de discussie tussen de vijf officieren. Cassiers werkt al zo lang met zendmicrofoons, hij zou toch moeten weten dat we in dat geval elke stem uit dezelfde bron te horen krijgen, uit de speakers. Maar als de acteurs half van ons afgewend staan? Hoe moet ik dan weten wie wat zegt?

Maar nu de positieve conclusie. Cassiers is er met zijn (boek)bewerking in geslaagd om me met De Welwillenden in de denkwereld van de dader te trekken. En me, dankzij de acteerkwaliteiten van Hans Kesting, maar ook dankzij de scenografie en het kledingontwerp (wel laarzen, wel kleren met militaire snit, maar geen swastika's of andere concrete symbolen) te laten zien dat het Derde Rijk niet meer dan gemiddeld bevolkt werd door perverse sadisten. Dat gewone burgers, die van Brahms en van goede wijn houden, betrokken kunnen raken bij gruwelijkheden. Kortom: De Welwillenden is een belangwekkende en urgente voorstelling.  

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Toneelgroep Amsterdam

Recensie: Macbeth van Het Zuidelijk Toneel / Lucas De Man

●●○○○  


MACBETH

HET ZUIDELIJK TONEEL / LUCAS DE MAN



Door RiRo, gezien 4 april 2016

De door Lucas De Man en Jamal Ouariachi bewerkte Macbeth is vooral een vrij voorspelbare kritiek op de oorlogen waaraan het Westen de laatste jaren deelneemt.

Generaal Macbeth moordde een vijandelijk dorp uit. Als gevolg daarvan lijdt hij aan een posttraumatisch stresssyndroom. Want nadat koning Duncan de dienstplicht weer had ingevoerd, omdat de grote ondernemingen een oorlog wilden, is de zoon van Macbeth in de buurt van dat vijandelijke dorp gesneuveld. Logisch dus dat Macbeth door het lint ging.

Als de generaal weer thuis is, verwijt Mevrouw Macbeth haar man dat hij niet kwetsbaar durft te zijn, niet praat over wat hij heeft meegemaakt in de oorlog. Maar even later vermoordt ze eigenhandig koning Duncan. Dat moorden gaat nog even door, nu in opdracht van Macbeth. Uiteindelijk komt alles goed. Duncans zoon Malcolm wordt koning. En die is voor vrede.

De tekst van de voorstelling is iets minder knullig dan ik hierboven wil doen geloven, maar het scheelt niet veel. De bewerking is - misschien in een poging het ook voor jongeren interessant te maken - veel te ver doorgeschoten. Niet alleen naar een inhoudelijke oversimplificering, maar ook naar een te grove psychologische causaliteit.

De enscenering en de theatrale middelen vind ik daarentegen wel geslaagd. De talkshow als middel om het verhaal te vertellen werkt goed. Ook omdat de rol die de media tegenwoordig spelen bij de publieke oordeelsvorming over oorlogssituaties daardoor wordt benadrukt. Jammer dan weer dat er nogal matig wordt geacteerd, zodat de voorstelling af en toe wel wat weg heeft van een hoorspel.

Alles bij elkaar lijkt me niet dat deze Macbeth van Het Zuidelijk Toneel de manier is om ook een jong publiek enthousiast te maken te maken voor toneel.
 
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Het Zuidelijk Toneel

Recensie: Liliom van TA2 en Frascati Producties / Julie Van den Berghe

●●●●● 

 

LILIOM

TA2 EN FRASCATI PRODUCTIES /JULIE VAN DEN BERGHE



Door RiRo, gezien 2 april 2016



Een halsstarrige en gewelddadige man van zevenentwintig werkt op de kermis. Daar ontmoet hij het dienstmeisje Julie. Hij neemt ontslag, ze trouwen, maar leiden door geldgebrek een marginaal leven. Julie wordt zwanger, en Liliom droomt van emigratie naar Amerika. Overgehaald door zijn vriend Fiscur doet hij mee aan een mislukte overval op een betaalmeester. Nog gefrustreerder dan hij al was, maakt Liliom een eind aan zijn leven en laat zijn zwangere vrouw in armoede achter.

De hemelse magistraat draagt Liliom na zestien jaar vagevuur op om naar de aarde terug te keren om één werk van schoonheid te verrichten. En zich dan, hopelijk gelouterd, opnieuw bij de hemelse rechter te melden. Van het succes van zijn missie op aarde zal afhangen welke deur in het hiernamaals definitief voor hem open zal gaan. Zich presenterend als zwerver, klopt hij aan bij zijn weduwe en zijn inmiddels zestienjarige dochter. Maar ook nu spelen woede en frustratie hem parten. Hij faalt.

Eelco Smits speelt eigenlijk altijd goed, maar als Liliom is hij meer dan goed. Geweldig hoe hij de combinatie van goede wil en ingehouden woede laat zien, hoe voortdurend de twee kanten van Liliom voelbaar blijven. De man die wel wil veranderen, maar die dat niet kan door zijn frustraties en zijn schaamte. Ook Hélène Devos, in de andere hoofdrol, laat staaltjes van ongelooflijk goed acteren zien: trots en zelfverzekerd in de scene waarin ze Liliom ontmoet, hartverscheurend in haar rouwmonoloog bij zijn lijk.

Julie Van den Bergh blijkt, ook nu weer, een uitstekende acteursregisseur, ook alle andere acteurs spelen goed tot zeer goed. Eén daarvan wil ik toch apart noemen: Janni Goslinga, superieur in haar bijrol als eigenares van de draaimolen en voormalige minnares van Liliom.

In Liliom gaat het om de problemen van de onderklasse, van de marginalen. Vertaler Jibbe Willems heeft waarschijnlijk daarom gekozen voor hedendaags Nederlands met opzettelijke taalfouten zoals 'Die is niet zo goed als mij', om daarmee het volkse van de personages te benadrukken. Hoe dan ook, het werkt.

Liliom is een stuk uit 1909 van Ferenc Molnár, het pseudoniem van Ferenc Neumann (Boedapest 1878 – New York 1952), die in 1938 naar de Verenigde Staten emigreerde. Tot vandaag had ik nog nooit van hem gehoord. Van regisseur Julie Van den Berghe (1981) daarentegen wel, Liliom is inmiddels al de zesde regie die ik van haar zie. Bij de eerste, Salomé (NNT), was ik meteen onder de indruk van haar talent. Maar zowel die voorstelling, als de voorstellingen daarna, gebruikte ze om te onderzoeken welke stijlmiddelen bij haar pasten, om te bepalen wat uiteindelijk haar handtekening als regisseur zou worden.

Want met uitzondering van Een lolita (NTGent), strak, stijlvast, en fenomenaal goed, probeerde ze steeds in één en dezelfde voorstelling meer dan één stijlmiddel uit. Begrijpelijk natuurlijk voor een jonge regisseur met ambities. Voor haarzelf waren het waarschijnlijk geslaagde experimenten. Maar voor mij als toeschouwer nogal eens voorstellingen die te lijden hadden onder niet altijd zo geslaagde stijlbreuken.

Het zij haar vergeven. Want die experimenten hebben geleid tot de zekere hand van de regisseur die haar vak volledig beheerst. Liliom is een perfecte voorstelling, er valt werkelijk niets op aan te merken.

De vijf eerdere regie's van Van den Berghe die ik zag, waren: Sálome (NNT, 2011), Een lolita (NTGent, 2012), Bloedbruiloft (TA2/Frascati Producties, 2013), Cyrano (NTGent, 2014) en Elektra (Nationale Toneel & NTGent, 2014)

Julie Van den Berghe zal vanaf 1 januari 2017 samen met Guy Weizman artistiek leider zijn van het Noord Nederlands Toneel.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Toneelgroep Amsterdam

Recensie: Het jaar van de kreeft van Toneelgroep Amsterdam / Luk Perceval

●●●●○

 

HET JAAR VAN DE KREEFT

TONEELGROEP AMSTERDAM / LUK PERCEVAL 


Door RiRo, gezien 26 maart 2016


In Het jaar van de kreeft van Luk Perceval zijn lichaamstaal, beweging en live uitgevoerde muziek minstens zo belangrijk als woorden. Perceval snoeide stevig in de tekst van de roman van Hugo Claus uit 1972, en bracht die terug tot de dialogen tussen de twee hoofdpersonages. Met alleen als het voor het begrijpen van het verhaal strikt noodzakelijk is een monologue intérieur van de 'hij'.

Dat blijkt een gouden greep. Want alle focus gaat daardoor naar de kern, naar de door seksuele verlangens gedomineerde relatie van de twee geliefden. Gijs Scholten van Aschat als de 'hij' is ingetogen in zijn bewegingen, want ingehouden en gecontroleerd in het uiten van zijn gevoelens. Maria Kraakman beweegt expressiever, maar wel heel esthetisch, want als 'zij' is ze grilliger en onvoorspelbaarder.

Zowel Scholten van Aschat als Kraakman blinken uit in die gestileerde en gechoreografeerde vorm waarmee Perceval wil laten zien dat de twee gevangen zitten in de onmogelijkheid van hun liefde. Met prachtige, dan weer aan martial arts, dan weer aan tantra refererende bewegingen wordt benadrukt dat de twee niet zonder elkaar kunnen, maar toch onafwendbaar op weg zijn naar een fatale afloop.

De scenografie van Katrin Brack, met de opblaaspoppen met de fallussen, en vooral de live uitgevoerde repetitieve muziek van en door Jeroen van Veen beklemtonen de spanning en de dwangmatigheid van dit onorthodoxe liefdesverhaal van Hugo Claus. Met als resultaat dat Het jaar van de kreeft een voorstelling is van grote schoonheid.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Toneelgroep Amsterdam

Recensie: Ideën van 't Barre Land en Maatschappij Discordia

●●●○○

IDEEN

'T BARRE LAND EN MAATSCHAPPIJ DISCORDIA



Door RiRo, gezien 19 maart 2016

Als je je recensie schrijft als er nog geen andere recensies zijn verschenen, loop je in ieder geval niet het risico dat je door de mening van een andere recensent wordt beïnvloed. Er is nog een voordeel. Je bent er dan zeker van dat de snedige zin die je meteen na afloop van de voorstelling hebt bedacht, een uiterst originele én zeer ter zake doende zin, niet al door een ander is gebruikt. Wat heel frustrerend zou zijn, omdat je dan je idee dat jouw idee zo origineel is, zou moeten laten vallen.

Om dat frustrerende gevoel te compenseren zou je het idee kunnen koesteren dat juist omdat in het hoofd van een andere recensent blijkbaar precies dezelfde zin is opgekomen, die zin dan weliswaar niet origineel was, maar dat het idee dat die zin ter zake doend was er door wordt bevestigd.

De Ideën van Multatuli, verschenen tussen 1862 en 1877 in zeven bundels, zijn grotendeels korte opmerkingen, commentaren, aforismen. Verspreid over die zeven delen heeft Multatuli er ook het toneelstuk Vorstenschool en de roman Woutertje Pieterse in opgenomen.

Margijn Bosch en Czeslaw de Wijs van 't Barre Land en Jorn Heijdenrijk van Discordia staan naast elkaar, bladeren door hun manuscripten, en lezen hun keuzes uit Multatuli's Ideën voor. Af en toe is er een onderbreking. Dan krijgen we water, thee, of oude jenever aangeboden.

Het blijkt dat Multatuli's losse gedachten ook nu nog heel geestig en actueel overkomen. Dat was ongeveer de zin die ik in mijn hoofd had na afloop. Maar die staat dus al in de recensie van Vincent Kouters in de Volkskrant. Hoewel. Hij zegt niet 'Multatuli's gedachten', wat ik van plan was te doen, maar 'Multatuli's hersenspinsels'.

Na zo'n vijf kwartier is er weer een pauze. En hoewel de gedachten van Multatuli (hersenspinsels heeft voor mij toch een wat negatievere lading dan het meer neutrale gedachten), hoewel dus de gedachten van Multatuli me boeien, merk ik dat ik er een beetje tegenop zie om nog eens ruim drie kwartier te worden voorgelezen. Ik neem daarom deze keer jenever. Een flink glas.

Maar dan, bij Woutertje Pieterse! Wow! Czeslaw de Wijs neemt zijn vertrouwde rol van souffleur op zich en Margijn Bosch en Jorn Heijdenrijk gaan in een hogere versnelling, en in een nog hogere versnelling. In een alsmaar toenemend tempo spreken die twee de tekst, maken zich los van hun manuscripten, en zetten daarbij steeds meer acteertechnieken in. Die laatste drie kwartier is theater van een heel hoog niveau!


Multatuli was niet alleen wat betreft politiek, godsdienst en natuurlijk Indië nogal eigengereid, hij hield er ook een eigenwijze spelling op na. Hij noemt zijn ideeën dan ook consequent ideën.

Multatuli, idee 337: 't Is 'n treurig verschynsel dat het woord 'origineel' 'n lofspraak is.
     
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Maatschappij Discordia

Recensie: De Sleutel van LOD & Josse De Pauw

●●●○○

 

DE SLEUTEL

LOD & JOSSE DE PAUW



Door RiRo, gezien 9 maart 2016

Het meditatieve ritueel van het aantrekken van de kimono. Het trage, haast eindeloos durende opvouwen van de kleding. De uiterst langzame bewegingen van danseres Fumiyo Ikeda (de vrouw) bij al haar andere handelingen. Danseres Taka Shamoto (de schoonzoon), haar gezicht volledig expressieloos, die uitsluitend met bewegingen haar personage gestalte geeft. Hoe percussioniste Kuniko Kato de marimba speelt, de schoonheid die schuilt in de manier waarop ze daarbij haar hele lichaam gebruikt. Weldadig.

Junichiro Tanizaki's roman De sleutel (1956) gaat over een oudere man en zijn jongere echtgenote voor wie het niet mogelijk is openlijk hun seksuele verlangens te bespreken. Door de sleutel van hun dagboek op een vindbare plek te leggen, lossen ze dat op. In hun dagboek brengen ze hun diepste wensen onder woorden, wetende dat de ander die heimelijk zal lezen.

Er zijn mooie zinnen. 'Fatsoen is hoe je je gedraagt als je alleen bent', zegt de vrouw bijvoorbeeld een aantal keer. En de man, als zijn vrouw in haar dagboek schrijft dat ze zich seksueel aangetrokken voelt tot hun beoogde schoonzoon: 'Mijn hartstocht komt op als ik jaloers ben.'

Maar de kracht van deze voorstelling zit niet zozeer in de tekst, het is niet zozeer de stem van Josse De Pauw via de voice-over, of de woorden gesproken door Frieda Pittoors als de man (in het Nederlands) en Fumiyo Ikeda als de vrouw (in het Japans). Het is de weldadige traagheid van de bewegingen, het is de verstilling die de choreografie van Fumiyo Ikeda bewerkstelligt die De Sleutel tot een boeiende voorstelling maakt.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: LOD

Recensie: John Gabriel Borkman van DeutschesSchauSpielHausHamburg / Karin Henkel

●●●●● 

 

JOHN GABRIEL BORKMAN

DEUTSCHESSCHAUSPIELHAUS HAMBURG / KARIN HENKEL



Door RiRo, gezien 1 maart 2016

Regisseur Karin Henkel laat in haar fenomenale interpretatie van Ibsen's John Gabriel Borkman (1906) zien wat er tevoorschijn komt als de maskers vallen. In een grandioze enscenering kijken we naar de schaduwkant van het menselijk leven. Daar waar primitieve instincten vrijkomen en eigenbelang niet meer verhuld is. Daar waar agressie onverbloemd naar buiten komt. Met grotesk spel tonen de meesterlijke acteurs ons die nachtmerrie. Wat een ongelooflijk goede voorstelling!

Borkman, een bankier met grootheidswaan, maar zonder spijt of wroeging, heeft vijf jaar in de gevangenis gezeten en zich daarna teruggetrokken op de bovenverdieping van zijn huis. De tweelingzussen Gunhild en Ella (de eerste de vrouw, de tweede de vroegere geliefde van Borkman) vechten om Borkman's twintigjarige zoon. Gunhild is zijn moeder, maar Ella heeft hem na het bankroet in huis genomen en verzorgd. De twee zussen, maar ook Borkman, zien de jongen als verlosser, verwachten via hem hun onvervulde verlangens alsnog te realiseren.

De nachtmerrie speelt zich af in een grauwe betonnen bunker met enorme traptreden. Aan het begin van de voorstelling ligt helemaal bovenaan, als vooruitblik, de bankier, fantastisch gespeeld door Josef Ostendorf, al opgebaard. Terwijl tegelijkertijd beneden, in een terugblik, de zussen, meesterlijk vertolkt door Lina Beckmann (Ella) en Julia Wieninger (Gunhild), als kleine kinderen ruzie maken. Wat een openingsbeeld!

In de strijd om de jongen schotelt Henkel ons in de loop van de voorstelling veel prachtige beelden voor. Soms bijbels geïnspireerd, de zussen reinigen de jongen in een badkuip, koesteren hem als in een pietà, trekken aan weerszijden aan zijn mouwen tot het beeld van de gekruisigde ontstaat. Vaak ook met verwijzingen naar comics of films over ondoden en zombies. Ook de muziekkeuze past daarbij. Als de zoon voor zichzelf kiest, en het huis verlaat, klinkt Danse macabre van Saint-Saëns.

Henkel heeft ervoor gekozen om niet te verwijzen naar de recente kredietcrisis. Is dat erg? Nee, en het is ook helemaal niet nodig, want de tekst van Ibsen heeft nog niks aan actualiteit ingeboet. Maar John Gabriel Borkman is vooral zo'n ongelooflijk goede voorstelling door de perfecte balans tussen de briljante enscenering en het groteske van het spel, waardoor de nachtmerrie die het leven zou zijn als de vernislaag er vanaf is op een magnifieke manier zichtbaar wordt gemaakt. 

Gezien tijdens BRANDHAARDEN
 

Recensie: Schiff der Traüme van DeutschesSchauSpielHausHamburg / Karin Beier

●●●○○

 

SCHIFF DER TRAUME 

DEUTSCHESSCHAUSPIELHAUS HAMBURG / KARIN BEIER



Door RiRo, gezien 25 februari 2016

Hoe zal ik het zeggen. Heeft regisseur Karin Beier een ander gevoel voor humor dan ik? Of zijn de grappen in Schiff der Traüme, met als ondertitel Ein Europäisches Requiem, af en toe gewoon opzettelijk plat of melig? Natuurlijk, er zijn ook komische ingrepen die heel geslaagd zijn, maar neem nou deze: De hostess van het cruiseschip, Astrid, gespeeld door Lina Beckman, stottert. Dus als ze haar naam zegt, klinkt dat als 'Arschtritt'. Leuk? Humor blijft natuurlijk een kwestie van smaak. Een veel belangrijker kritiekpunt is vind ik dat Schiff der Traüme niet hard genoeg is, niet confronterend genoeg om te verontrusten.

Eerst zien we alleen maar een urn. Dan horen we gefluisterde dichtregels van Rilke 'Der Tod ist groß. Wir sind die Seinen'. Dat blijkt even later het begin van de compositie Human Rights Nr. 4. Want aan boord van cruiseschip Europa Culture Cruising is een groep orkestleden op weg om de laatste wens van hun onlangs overleden dirigent uit te voeren: zijn as uitstrooien boven de Egeïsche zee en zijn favoriete compositie Human Rights Nr. 4 spelen. Behalve bezig zijn met het uitvoeren van die laatste wens, eten ze, zijn veganist, of maken daar juist grappen over, drinken, maken ruzie, filosoferen, vervloeken het despotisme van de overleden dirigent, drinken te veel, en stoten uiteindelijk de urn om.

Dit deel, waarvan we weten dat het het voorspel is, duurt anderhalf uur. Wat nogal lang is. Na die anderhalf uur van af en toe komische, soms platte, maar wel steeds heel goed geacteerde scenes door uitsluitend blanke acteurs, kondigt de purser aan dat er van een schip in nood drieënzestig uitgeputte mensen aan boord zijn genomen. Zwarte uitgeputte mensen. Vluchtelingen uit Afrika.

Eerst zingt Josef Ostendorf, gekleed in een rode operajurk, nog Beautiful van Christina Aguilera, maar dan nemen vijf Afrikaanse acteurs het cruiseschip, en de voorstelling over. Die vijf Afrikaanse acteurs, onder leiding van Gotta Depri, zijn overduidelijk alle vijf echte performers. Ze zijn ook nog eens ongelooflijk fit. Kortom veel te perfect om geloofwaardig als bootvluchtelingen over te komen.

De vijf zwarte acteurs dansen, houden monologen, en stellen quizvragen. De strekking van hun interventies is dat zij zo'n gevaarlijke tocht hebben ondernomen, dat zij zoveel ontberingen hebben geleden, om ons, Europeanen, te komen helpen. Slikken we tenslotte niet bijna allemaal antidepressiva? Nou zij niet hoor, in Afrika. Stoppen wij onze oude vaders en moeders soms niet allemaal in tehuizen? Wat een schande, dat doen ze in Afrika echt niet. 

Ook in dit gedeelte valt weer heel wat te lachen, maar ik heb de indruk dat het de intentie van Beier's bewerking van Felllini's film E la nave va moet zijn geweest dat het lachen ons dat laatste uur zou vergaan. Maar daarvoor is zowel de inhoud van de teksten, als de manier waarop wij als publiek met die teksten worden geconfronteerd, toch echt te braaf, te ongevaarlijk.

Gezien tijdens BRANDHAARDEN

Recensie: Effi Briest-allerdings mit anderem Text und auch anderer Melodie van DeutschesSchauSpielHausHamburg / Clemens Sienknecht & Barbara Bürk

●●●○○

 

EFFI BRIEST 

DEUTSCHESSCHAUSPIELHAUS HAMBURG / CLEMENS SIENKNECHT & BARBARA BURK



Door RiRo, gezien 23 februari 2016


Coverbandmuziek houd ik daarvan? Ook als het heel goed gedaan is? Perfect zelfs? Zoals in deze voorstelling de live-uitvoering van God Only Knows van The Beach Boys? Nee, daar houd ik niet zo van. Ik veer pas op als de acteurs een verrassende draai aan zo'n hit geven. Ik veer op bij de dialoog die is gemaakt van Love Me Tender van Elvis Presley. En vooral bij It's A Man's Man's Man's World van James Brown in een hartverscheurende angstschreeuwversie door Michael Wittenborn.

Effi Briest van Theodor Fontane uit 1894 is een Duitse roman die thuishoort in het rijtje Anna Karenina, Madame Bovary, Eline Vere, een verhaal over vrouwenleed en mannenlust. Effi wordt op zeventienjarige leeftijd uitgehuwelijkt aan de ruim twintig jaar oudere baron Geert von Instetten. Ze is ongelukkig en bezwijkt voor de charmes van de knappe majoor Crampas. Zes jaar na die affaire komt Von Instetten erachter, hij dood Crampas in een duel, en stuurt Effi weg. Die belandt uiteindelijk ziek bij haar ouders. Waar ze al snel sterft. Maar niet voordat ze alle schuld op zich heeft genomen. En Von Instetten heeft vrij gepleit.

Het toneel ademt de sfeer van de zeventiger jaren. Op 'Radio Briest' loopt de serie Berühmte Seitensprünge der Weltliteratur. We beginnen steeds met een stukje gesproken versie van de roman vanaf een langspeelplaat. Vlak voor een belangrijke scène gaat de platenspeler uit en pakken de acteurs hun instrumenten om wat er verder gebeurt duidelijk te maken met behulp van live-uitvoeringen van hits uit de zestiger, zeventiger en tachtiger jaren. Veel Engelstalige, geen enkele Duitstalige als ik me goed herinner, en op het eind, gezongen door Ute Hannig als Effi, het Franstalige La Chanson d'Hélène van Philippe Sarde.

Clemens Sienknecht en Barbara Bürk kiezen in hun muzikale interpretatie van Theodor Fontane's klassieke zedenroman naar mijn smaak net even te vaak voor muzikale perfectie. Terwijl kunst om spannend te zijn, en geen kunstnijverheid te worden, naar mijn idee nou juist net niet perfect moet zijn. Aan de andere kant, het is wel heel knap hoe bij zo'n muzikale en ook heel komische bewerking de tragedie van de roman totaal niet in het gedrang komt.

Gezien tijdens BRANDHAARDEN

Recensie: Der Entertainer van DeutschesSchauSpielHausHamburg / Christoph Marthaler

●●●●○

 

DER ENTERTAINER

DEUTSCHESSCHAUSPIELHAUS HAMBURG / CHRISTOPH MARTHALER  


Door RiRo, gezien 20 februari 2016



De slechte mop en de foute opmerking zijn in Der Entertainer tot kunstvorm verheven, in een voorstelling over de schoonheid van verval en ontluistering. Het oorspronkelijke stuk The entertainer van John Osborne (over een Britse familie van Music Hall artiesten die niet kunnen accepteren dat hun genre verdwijnt) werd voor het eerst gespeeld in de jaren vijftig van de vorige eeuw tijdens het conflict over het Suezkanaal. De Zwitserse regisseur Christoph Marthaler verplaatst de thematiek naar het Europa, en naar de conflicten, van vandaag.

Der Entertainer gaat niet alleen over het variététheater dat voorbij is, maar ook over de manier waarop Europeanen van nu met de gevolgen van oorlogen omgaan. Het gezin van de aan lager wal geraakte entertainer Archie Rice wacht op de terugkeer van zoon Mick (die als huurling voor Blackwater ergens in een ver buitenland vecht). Maar de toename van buitenlanders in hun eigen land houdt de familie Rice meer bezig. Archie: 'Was denn nun: liegen die auf der faulen Haut, oder nehmen sie uns die Arbeitsplätze weg.' Opzettelijk foute grappen dus. Over Turken. Over Polen. Over de IS. Over de oorlog in Syrië. En natuurlijk over de recente vluchtelingenproblematiek.

Duri Bischoff ontwierp voor deze voorstelling een overweldigend decor. Een vervallen theater met een gat in het dak en met vochtvlekken op het tapijt. Maar wel een showtrap. Met boven dat theater (dat ook de woning van de familie van Rice is) nog een theater, met een heuse lijst en een rood gordijn. Met ook daar weer een showtrap. In dat theater in het theater laten Josef Ostendorf en Bettina Stucky als corpulente reality-tv types een verdubbeling van 'De Kunst van het Mislukken' zien. Al hun variéténummers gaan de mist in.

Op de voorgrond ondertussen drie generaties vertellers van slechte grappen, tevens makers van foute opmerkingen. Archie zelf, vader Billy, en zoon Frank (bij Marthaler in tegenstelling tot bij Osborne hier ook entertainer). Archie: 'Negers', mag ik dat woord niet meer gebruiken? 'Frauen' darf man ja heute (auch) nicht mehr sagen. Das sind jetzt 'Menschen mit Menstruationshintergrund'.

In de orkestbak (in de Rabozaal van de Amsterdamse Schouwburg blijkt ineens een orkestbak te zijn) speelt de vijfkoppige Archie Rice Allstar Band. Op het eerste podium dansen drie wat verlopen vaudeville danseressen, op het tweede zingt de Engelse zangeres Rosemary Hardy. Maar acteur Michael Wittenborn als Archie Rice blijkt ook goed te kunnen zingen. Het meest aangrijpend vind ik zijn (in het ijskoude licht van de slotscène) uiterst traag gezongen a capella versie van Death of a Clown van Dave Davies.

Der Entertainer is typisch Marthaler. Het werk van een regisseur die niet alleen van muziek houdt, maar ook van heel traag. Gelukkig heb ik zijn Maeterlinck gezien, waarin de klok op het podium stil staat, en er soms een half uur bijna niets gebeurt, dus ik was erop voorbereid. Zo traag als Maeterlinck is Der Entertainer niet. En als het je lukt om je aan het tempo over te geven, is Der Entertainer een heerlijke, politiek incorrecte, en juist daarom relevante muziektheatervoorstelling.

Gezien tijdens BRANDHAARDEN.