Recensie: Orlando van Toneelschuur Producties / Loek de Bakker

●●●○○

 

ORLANDO


TONEELSCHUUR PRODUCTIES / LOEK DE BAKKER  

 

Door Piet van Kampen, gezien 19 oktober 2023   

Milou van Duijnhoven, die Orlando speelt, pakt de zaal meteen in. Ze maakt een korte beweging met haar hoofd naar opzij, alsof ze wil laten zien dat ze overal schijt aan heeft en voor niemand bang is. Al snel komt haar Orlando ook verbaal met een krachtig statement 'Ik ben Orlando, ik bepaal zelf wie ik ben'.

De voorstelling Orlando is geïnspireerd op Orlando: A Biografy van Virginia Woolf uit 1928, een fictieve biografie, opgedragen aan Vita Sackville-West, waarin Woolf de grenzen van het genre verkent. Op een lichte, humoristische toon beschrijft Woolf het leven van Orlando dat zich uitstrekt over drie eeuwen, een leven waarin Orlando begint als edelman, maar later, nadat hij voor de tweede keer ontwaakt uit een comateuze slaap van een week, vrouw blijkt te zijn geworden: 'Hij rekt zich uit. Hij verheft zich van zijn bed. Hij staat volkomen naakt voor (…) ons, hij is een vrouw.’*

In de bewerking van Loek de Bakker en Tjeerd Posthuma kijken we niet naar de personages door de ogen van een biograaf, we zien Orlando en de mensen met wie hij/zij in contact komt dus ook zonder het becommentariërende geestige oordeel.

De voorstelling houdt zich wel aan de tijdsopbouw van de roman van Woolf, maar in welke periode we terecht zijn gekomen, moeten we opmaken uit de kostuums en uit de namen van de gesprekspartners. Er is niet zoiets als geprojecteerde jaartallen bijvoorbeeld, wat wel handig zou zijn geweest. 

De eerste met wie we Orlando zien is koningin Elizabeth I, gespeeld door Michael Muller. Later zijn we er getuige van hoe hij verliefd wordt op de Russische Sacha, gespeeld door Alicia Boedhoe en hoe ze (Orlando is dan inmiddels vrouw) valt voor Shelmerdine, ook door Michael Muller gespeeld. Uiteindelijk bevrijdt Orlando zich ook van haar vrouw-zijn en beweegt als een hordeloper over het inmiddels zo goed als ontmantelde decor. 

De korte beweging met haar hoofd in de eerste minuut herhaalt Milou van Duijnhoven naar mijn smaak iets te vaak. Daardoor verliest dat gebaar aan kracht en gaat het iets te veel in de richting van een Koefnoenachtig typetje. Jammer, want afgezien daarvan is het spel van Van Duijnhoven heel krachtig en heel overtuigend.

*Virginia Woolf, Orlando, een biografie, vertaling Gerardine Franken.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Toneelschuur Producties

 

Recensie: Op hoop van zegen van Dood Paard

●●●●●

 

OP HOOP VAN ZEGEN


DOOD PAARD

 

Door Piet van Kampen, gezien 14 oktober 2023

Vijf acteurs spelen er in Op hoop van zegen van Dood Paard, waarvan er vier meerdere personages voor hun rekening nemen, veertien om precies te zijn. Alleen Manja Topper is daarvan uitgezonderd, die speelt alleen Knier (zonder diminutiefsuffix dus). 

Vrouwelijke acteurs die mannen spelen, mannelijke die vrouwen vertolken, een acteur die twee personages speelt die een dialoog hebben met elkaar, reder Bos in een leren rok. Helemaal conventioneel pakt Dood Paard het dus niet aan.

Maar wat er in de voorstellingsinformatie staat is (bewust?) misleidend. Dood Paard heeft het daar over 'een uitgebeende versie van Op hoop van zegen'. Niks uitgebeend! Dood Paard speelt Op hoop van zegen zo goed als integraal.

Door in dit visserijdrama zo aangrijpend mogelijk de ellende van de vissers en hun gezinnen te beschrijven – de onderbetaling, de slecht onderhouden schepen, de afhankelijkheid van reders die alleen door winstbejag worden gedreven en de assurantiepenningen opstrijken als er weer een wrakke schuit is vergaan - stelde Heijermans het kapitalisme aan de kaak. En zonder dat daar in de voorstelling expliciet naar wordt verwezen, zijn de parallellen met pakketbezorgers, bagage-afhandelaars en anderen die nu worden uitgebuit overduidelijk.

Bij de openingsscène is het nog wel even zoeken wie wie is, vooral omdat Joachim Robbrecht als Clementine (de dochter van reder Bos) de voor haar poserende Cobus (gespeeld door Dinda Provily) niet tekent, maar met een smartphone fotografeert. Wat overigens het enige anachronisme in de hele voorstelling zal blijken te zijn.

Maar het went snel al die dubbelrollen en die man-vrouwverschuivingen. Terwijl het tempo vanaf het begin meteen hoog is, veel hoger veronderstel ik dan bij de première van het stuk op 24 december 1900 in de Hollandsche Schouwburg in Amsterdam.

Opgesloten in een decorgroot visnet maken Manja Topper, Kuno Bakker, Joachim Robbrecht, Dinda Provily en Tomer Pawlicki een memorabele Op hoop van zegen, veruit de beste die ik ooit zag.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Dood Paard

 

Recensie: De Dresser van Compagnie Karina Holla

●●○○○

 

DE DRESSER


COMPAGNIE KARINA HOLLA

 

Door Piet van Kampen, gezien 12 oktober 2023

Laverend tussen “ik wil dood, ik wil geen verf meer op mijn gezicht, geen kleren meer dragen die niet van mij zijn” en “ik wil niet dood, ik wil weer verf op mijn gezicht, weer kleren die niet van mij zijn” maakt Karina Holla (73) in De Dresser de balans op van haar kunstenaarschap. Acteren of sterven, dat is de vraag. Het antwoord daarop is de overduidelijk keuze voor dat eerste.

Holla begint met een nagespeelde scene uit de film The Dresser van Peter Yates uit 1983. Maar in het kleine uur daarna stipt ze alleen nog haar eigen eerdere werk aan. Beweging en geluid spelen daarbij weliswaar een belangrijke rol, maar meer dan in haar vorige twee voorstellingen bedient Holla zich van het gesproken woord.

Die verwijzingen naar eerdere voorstellingen zijn kort en fragmentarisch: ze pakt even het kostuum van een klerenhanger, maakt een paar bewegingen en gebaren, en licht het toe met woorden. Na het fragment uit The Dresser neemt ze ons onder meer mee naar Parijs voor Louise Bourgeois en Roland Topor, doen we Brazilië en Moldavia aan en staan we even stil bij haar twee recente voorstellingen.

In die twee laatste liet ze, in de eerste met behulp van twee dansers, in de tweede met projecties van tekeningen, met beelden meer dan met woorden de voorstelling tot leven komen. Oorlogsvrouwen (2019) was gebaseerd op De oorlog heeft geen vrouwengezicht van Svetlana Alexijevitsj. Het eenzame leven en het fascinerende werk van ouitsider artist Henry Darger was het onderwerp in DARGER, in de werkelijkheid van de onwerkelijkheid (2021)

Zou je over het rijke artistieke leven van de van oorsprong mimespeler Karina Holla ook niet een boeiende en intrigerende voorstelling kunnen maken? Ja, waarom niet. Wie weet maakt iemand die ooit.

Want de manier waarop Holla het zelf in De Dresser aanpakt, is te fragmentarisch. Voor wie haar lange carrière heeft gevolgd, is dat mogelijk geen probleem en roepen de korte verwijzingen genoeg herinneringen op. Maar wie het werk van Holla niet of bijna niet kent, en er toch nog kennis mee wil maken, raad ik aan te wachten tot ze, hopelijk, Oorlogsvrouwen of DARGER integraal herneemt.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Compagnie Karina Holla

 

Recensie: 4.48 van De Roovers & Kunst/Werk

●●●○○

 

4.48


DE ROOVERS & KUNST/WERK 

 

Door Piet van Kampen, gezien 27 september 2023   

4.48 Psychosis is de laatste theatertekst van Sarah Kane, die in 1999 op 28-jarige leeftijd zelfmoord pleegde. In Sarah Kane's tekst staan geen regie-aanwijzingen, een maker kan dus voor meerdere personages kiezen of voor een monoloog. In 2005 deed regisseur Olivier Provily dat laatste, en hij liet de actrice, Nanette Edens, ook nog eens volledig bewegingloos en monotoon de tekst zeggen.

Als theatermaker kiest Sara De Bosschere voor een monoloog plus. Want behalve De Bosschere zelf is er ook een danser op de speelvloer, Robson Ledesma (in een choreografie van Marc Vanrunxt). Ledesma herhaalt de eerste zinnen van de actrice, wat later neemt hij de cijfers van de 'Serial sevens test' voor zijn rekening. Maar in het overgrote deel van de voorstelling zwijgt hij en vult met bewegingen de woorden van de sprekende actrice aan.

De ik-figuur in 4.48 Psychosis kan geen formele gedachten meer vormen, niet meer voelen, is de tranen voorbij. Een monotone weergave van Kane's tekst is dus niet zo onlogisch. De Bosschere doet het anders, ze brengt de tekst zoekend, toont ook regelmatig het gevoel erachter, zowel het gevoel van de zoekende maker als van de ik-figuur. Vaak is dat laatste wanhoop, soms, na het opsommen van de medicatie bijvoorbeeld, cynisme (over de behandelingen van de psychiaters).

De tekst van Sarah Kane is poëtisch, maar ook strak gestructureerd en vaak heel direct, bijvoorbeeld daar waar ze preludeert op wat een jaar later werkelijkheid wordt: 'Please don't cut me up to find out how I died. I'll tell you how I died. One hundred lofepramine, forty five zopiclone, twenty five temazepam and twenty melleril. Everything I had. Swallowed. Slit. Hung.'

Het is jammer dat Sara De Bosschere een groot deel van de voorstelling achter of aan de achterkant van het grote kleed van schapenvachten blijft, niet zo dicht mogelijk bij het publiek komt. Omdat ze ook nog eens haar zoekende en tastende verhouding tot Kane's tekst tot het einde toe wil blijven uitdrukken, creëert ze naar mijn smaak teveel afstand tot de intieme en schrijnende woorden van Sarah Kane.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: De Roovers

 

Recensie: Het Debuut '23 van Via Rudolphi Producties

●●●○○

 

HET DEBUUT '23


VIA RUDOLPHI PRODUCTIES 

 

Door Piet van Kampen, gezien 23 september 2023   

Ook dit jaar heeft Via Rudolphi Producties weer drie afstudeervoorstellingen geselecteerd. Nadat artistiek coach Peer van de Berg ze heeft ingekort tot voorstellingen van een half uur, zodat ze op één avond achter elkaar gespeeld kunnen worden, organiseert en faciliteert het impresariaat een landelijke tournee onder de titel Het Debuut '23.

Ik wil wit zijn van Femi van Elshuis

In een recent interview vertelt Van Elshuis dat ze inmiddels de witte wens voorbij is. Wat we vanavond te zien krijgen is dus de geschiedenis van die wens. Ze begint met een leesbril op achter een witte katheder met een serie vragen die ze zelf in de loop van dat proces heeft gesteld. Even later komen de vragen van anderen aan haar aan bod, zoals 'Waar kom je vandaan?' Of die van de jongen op school in de bank voor haar aan zijn buurman: 'Val jij op zwarte meisjes?'

In Ik wil wit zijn vertrekt Van Elshuis steeds bij het persoonlijke, maar ze legt regelmatig verbanden met de geschiedenis van tot slaaf gemaakten. Daarnaast gebruikt ze haar half uur om zoveel mogelijk aspecten van haar talent te laten zien. Van het voorlezen achter die witte katheder tot uitbundige dans.

Moddergat van Jeroen van Arkel en Koen ter Braak

Van Arkel en Ter Braak kiezen vol voor komedie, een theatergenre dat je niet vaak ziet bij jonge makers. In een hoog tempo, voortgestuwd door een waanzinnig goede soundscape, spelen de twee acteurs steeds met dezelfde vier zinnetjes de dialoog tussen twee Friese vrienden, waarvan de een op pad wil om vogels te spotten en de ander daar geen zin in heeft.

Het gaat bij Moddergat niet om de tekst maar om het komische effect van herhaling met steeds alleen een klein verschil in beweging of mimiek. Heel knap en origineel om op die manier een zaal vanaf begin tot eind te boeien. Ben benieuwd of Van Arkel en Ter Braak met deze vorm doorgaan in hun volgende voorstellingen.

A Thousand Roses van Jonathan Eduardo Brito

Een grote man in een kleine, van doorschijnend materiaal gemaakte, speelruimte met een kroontje op, in een maagdelijk blauw gewaad. En een gouden roos in een omgekeerde vaas. Met dat beeld begint A Thousand Roses. In de loop van de voorstelling zal Brito stap voor stap dat blauw laten vallen en een zwart shirt en een zwarte hoodie aantrekken.

De voorstelling van Brito is een openhartig verslag van de zoektocht naar zijn identiteit. Door ook vragen aan het publiek te stellen en de antwoorden vervolgens in zijn voorstelling te integreren, neemt hij de nodige risico's, waardoor zijn voorstelling nog kwetsbaarder wordt dan het door het onderwerp al is.

Het Debuut '23

Ook met deze twaalfde editie van Het Debuut geeft Via Rudolphi Producties beginnende makers weer de kans om hun voorstellingen in een landelijke tournee te laten zien en het publiek de mogelijkheid om kennis te maken met veelbelovend talent.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Via Rudolphi

 

RiRo's Topvijf van het seizoen 2022-2023

 

RIRO'S TOPVIJF VAN HET SEIZOEN 2022-2023



Door Piet van Kampen, 12 juli 2021

Van de voorstellingen die ik dit seizoen zag, maakten deze de meeste indruk:

1. De Jaren van het Nationale Theater / Eline Arbo

2Analoog van De HOE / Willem de Wolf & Louis Janssens

3. Weiblicher Akt 12: Brief aan Freud  van Maatschappij Discordia

4. Twomenshow van Dood Paard

5. Coriolanus van het Nationale Theater / Nina Spijkers 


Halve recensie over een halve voorstelling: Vake Poes; of hoe God verdween van laGeste / Lisaboa Houbrechts

 

VAKE POES; OF HOE GOD VERDWEEN


LAGESTE / LISABOA HOUBRECHTS

 

Door Piet van Kampen, gezien 16 juni 2023

Na ongeveer een uur heb ik in de geest van het motto van laGeste* mijn voeten laten spreken, daarmee vijf anderen kortstondig tot rechtstaan gedwongen. Heb ik nog wel recht van spreken nu ik de zaal voortijdig heb verlaten? Laat ik proberen me te beperken tot waar mijn gedachten waren terwijl het op het podium ging over het misbruik door katholieke geestelijken en de collaboratie tijdens de tweede wereldoorlog.

Bij Hugo Claus waren mijn gedachten, de schrijver van Het verdriet van België, hoe die zich zou omdraaien in zijn graf. Ik dacht aan wat Luk Perceval nog maar kort geleden met zijn indrukwekkende driedelige theaterserie The Sorrows Of Belgium heeft laten zien. Natuurlijk ook aan Het hout van Jeroen Brouwers en de voorstelling Als ik de liefde niet heb van Marjolijn van Heemstra.

Lisaboa Houbrechts baseert haar voorstelling op wat haar vake, haar grootvader, haar vertelde. Ze probeert vanuit het kleine, vanuit het particuliere, het grote te laten zien. Maar mijn god, die aanpak is met dezelfde onderwerpen in de literatuur, maar ook in het theater, al zo vaak en al zo veel beter gedaan.

Ben ik ten onrechte afgehaakt? Had ik geduld moeten hebben? Omdat de voorstelling na dat eerste uur heel anders werd? Omdat Houbrechts dan, in plaats van met amateuristische dialogen, met een spannende tekst en met minder onbeholpen beeldtaal zou komen?

Lisaboa Houbrechts heeft een vol uur de tijd gehad om me te overtuigen. Om me te laten zien dat ze raad weet met de mogelijkheden die het podium van een grote zaal biedt. Ze heeft me in dat uur niet overtuigd. 

* laGeste ontstond uit de erfenis van les ballets C de la B en kabinet k. Het is een gezelschap dat zegt aandacht te hebben voor alles waarin het lichamelijke centraal staat. Written by the body is het motto.

Gezien op het HOLLAND FESTIVAL

Theaterverhaal: Mijn relatie met Susanne Kennedy

 

THEATERVERHAAL

 

MIJN RELATIE MET SUSANNE KENNEDY

 

Door Piet van Kampen, geplaatst 9 juni 2023

Phaedra's Love

Mijn relatie met Susanne Kennedy begon in 2007. Susanne had Phaedra's Love van Sarah Kane onder handen genomen met Marie-Louise Stheins als koningin Phaedra. “Een sterk doorgevoerde stilering” had ik in NRC gelezen. Maar ik wist geen raad met wat ze had gemaakt, het was zo anders dan ik wat ik kende.

Hedda Gabler

In 2008 zien we elkaar weer. Çigdem Teke is er ook, net als Susanne geboren in Duitsland. Voortdurend de zaal inkijkend zegt Çigdem verveeld haar tekst als een Hedda die terugkijkt op haar leven. Want ze schiet zich niet pas aan het eind een kogel door haar kop, zoals Ibsens Hedda dat vanaf 1890 altijd deed, maar meteen aan het begin.

Ik zoek naar het soort interactie tussen acteurs dat ik gewend ben bij andere regisseurs. Tevergeefs. Ik realiseer me dat als ik door wil met Susanne ik anders zal moeten leren kijken, meer naar beeldtaal. En me ook moet leren verhouden tot de geluiden.

The New Electric Ballroom

Terwijl het nog de vraag is of mijn liefde voor haar kans van slagen heeft, komt Susanne in 2009 aanzetten met twee zussen die elke dag naspelen hoe ze als tieners op een avond hevig verlangden naar rockzanger Roller Royle. Hun jongere zus Ada en de visser Patsy houden ze daarbij gevangen in die avond veertig jaar geleden waarop ze, oude vrijsters nu, bijna seks hadden.

Çigdem Teke, Juul Vrijdag en Nettie Blanken kijken voortdurend laconiek de zaal in. Op een sokkel bij de achterwand staat Jochum ten Haaf als de gegijzelde visser zich avond na avond zonder tekst te verbijten. En waarschijnlijk Susanne Kennedy te vervloeken.

Nu ik weet hoe ik naar haar moet kijken, schrijf ik Susanne, twee jaar nadat ik haar hebben leren kennen: “Wat mooi, de beeldtaal in dat droeve maar prachtige decor waarin je de handelingen in dit stuk van Enda Walsh steeds vanuit een soort tableaus vivants laat ontstaan. De muzikaliteit waarmee je de sprekende stemmen op elkaar hebt afgestemd.” 

Over Dieren

Het is 2010 en we gaan het over seks hebben. Elfride Jelineks Over Dieren gaat over de vrouw als object, de vrouw als gebruiksvoorwerp. Het eerste deel, een monoloog van een afgewezen vrouw, en het tweede, dat expliciet gaat over sekswerkers en hun gebruikers, heeft Susanne met elkaar verweven.

Zes acteurs kijken, onder leiding van de kampioen op dat gebied Çigdem Teke, voortdurend indringend terug, de zaal in. Daarmee lijkt Susanne ook mij als toeschouwer tot object te willen maken. Dat voelt af en toe heel ongemakkelijk.

Ik schrijf haar nu: “Je laat acteurs elkaars woorden herhalen, met een net iets andere manier van spreken, zodat door die verschillen het hypnotiserende en beklemmende effect wordt versterkt. Je laat de acteurs ook in ogenschijnlijk synchroon gechoreografeerde scènes nooit volledig op dezelfde manier bewegen, zodat ook die kleine verschillen extra betekenisnuances toevoegen.“

Emilia Galotti

Het is nog steeds 2010, we gaan het over kuisheid hebben. ‘Het doet er voor jou geloof ik niet toe waar het over gaat’, moppert Carel, die met me mee is gegaan naar wat Susanne heeft gedaan met het drama van Gotthold Lessing uit 1772. Hij heeft wel een beetje gelijk, in wezen maakt het me niet zoveel uit, want inmiddels beleef ik de schoonheid van wat Susanne doet niet meer zozeer vanwege de inhoud.

Ik schrijf: “Ik houd van de manier waarop je wat je wil zeggen in de bewegingen van de acteurs laat zien, maar ook in hun houdingen als ze niet bewegen. In hoe die onbeweeglijke lichamen zich tot elkaar verhouden in de ruimte. En dat steeds in composities waarin ook de kleuren die je kiest een rol spelen.”

Het Verjaardagsfeest

Het is 2011, Susanne voegt aan The Birthday Party van Harold Pinter uit 1957 extra meerduidigheid toe door de acteurs hun tekst te laten playbacken en de dialogen via vier centraal opgestelde speakers te laten horen. Daardoor klinken hun woorden als het opgesloten geluid van personages die zelf opgesloten zijn in wat het meest weg heeft van een kijkdoos.

De bittere tranen van Petra von Kant

Het is nog steeds 2011, later dat jaar. Susanne gaat voor het eerst naar de grote zaal, ze laat daar haar visie zien op de film van Rainer Werner Fassbinder uit 1972 over vrouwenliefde, macht en liefdesverdriet.

Van de zes actrices voeren er vijf consequent uit wat inmiddels het handelsmerk van Susanne is: voortdurend terugkijken de zaal in, monotoon bewegen zodat er een choreografie ontstaat met hoe de anderen monotoon bewegen, je tekst volledig emotieloos uitspreken. Eén actrice onttrekt zich daaraan, hoofdrolspeler Els Dottermans.

Ik schrijf: “Soms is bij onenigheid een compromis een goede oplossing, maar in dit geval was het beter geweest als jij had gewonnen.”

Kleine Eyolf

Het is 2012, het jaar voordat er een voorlopig einde komt aan mijn relatie met Susanne. Ze maakt van Ibsens Eyolf uit 1894 een jongen met een handicap, uitgebeeld door een acteur met een verstandelijke beperking. Zijn tekst is door een ander ingesproken.

Ook de andere acteurs playbacken, al dan niet hun eigen stemmen, in een bewust gekozen archaïsche taal en met aangezette dictie. Susanne is afgestapt van haar gewoonte de acteurs voortdurend terug te laten kijken de zaal in, maar verder is haar handschrift niet wezenlijk veranderd.

Ik schrijf: “Ook nu weer zijn herhalingen de basis voor je nauwgezette compositie. Ook nu maak je de acteurs volledig ondergeschikt aan die compositie.”

ANGELA (a strange loop)

In 2013 gaat Susanne Kennedy naar München. Pas tien jaar later zie ik tijdens het HOLLAND FESTIVAL weer een voorstelling van haar, het meesterlijke ANGELA (a strange loop) dat ze samen met Markus Selg maakte. Veel van haar manier van werken zie ik terug, gelukkig. Al voegt Markus Selg er natuurlijk wel zijn bewegende beelden aan toe.

De teksten in “de brieven” die ik tussen 2007 en 2013 aan Susanne schrijf zijn licht bewerkte citaten uit recensies die ik plaatste op Moose, een theaterwebsite die ophield te bestaan in hetzelfde jaar dat Susanne Kennedy naar Duitsland vertrok. 

 

Theaterverhaal: Drive Your Plow Over the Bones of the Dead van Complicité / Simon McBurney

 

DRIVE YOUR PLOW OVER THE BONES OF THE DEAD BODIES

 

COMLICITÉ / SIMON McBURNEY

 

Door Piet van Kampen, gezien 1 juni 2023

In het Vlaams zou je zeggen 'Hij heeft zijn kat gestuurd'. In het taalgebruik van de Poolse schrijver Olga Tokarczuk zou dat worden 'Hij heeft zijn Kat gestuurd'.

Ik kom daar zo op terug. Eerst even iets over de titel van de openingsvoorstelling van het Holland Festival. Prowadź swój pług przez kości umarłych heet de roman waarop de voorstelling is gebaseerd. Dat is Tokarczuks vertaling van Drive Your Plow Over the Bones of the Dead.

Dat zit zo: de hoofdpersoon Janina Duszejko houdt zich, onder meer, bezig met het vertalen van de negentiende-eeuwse Engelse schrijver William Blake. Elk hoofdstuk van de roman begint met een in het Pools vertaald citaat van Blake. Ook de titel van het boek is zo'n vertaald citaat.

Het sturen van je Kat. Ik moet iets zeggen over jagen op Jagers. In Drive Your Plow Over the Bones of the Dead komen een hoop Dieren op nogal gruwelijke wijze om het leven. Hoofdpersoon Duszejko houdt zich behalve met het vertalen van Blake ook bezig met astrologie en horoscopen. Maar haar passie is: jagen op Jagers. Daarin gaat ze heel ver. Wat leidt tot een aantal mysterieuze moorden op Mensen.

De titel die vertalers Charlotte Pothuizen en Dirk Zijlstra voor de roman bedachten is overigens mooi gevonden. Met Jaag je ploeg over de botten van de doden maken ze op een creatieve manier gebruik van de meerduidigheid van het Nederlandse werkwoord jagen.

Het sturen van je Kat. Eerst even over die hoofdletter. Kernwoorden in haar roman schrijft Tokarczuk consequent met een hoofdletter. Ze heeft het bijvoorbeeld over mijn Meisjes (daarmee doelt ze op haar honden) en mijn Kwalen. Ik heb er tijdens de voorstelling af en toe even naar gekeken, bij 'mijn Meisjes' volgt de ondertiteling Tokarczuk wel, maar bij 'mijn kwalen' en de meeste andere kernwoorden niet. Vreemd.

Nu dan die Kat. In het Vlaams zeg je 'Hij heeft zijn kat gestuurd' als iemand niet zelf op komt dagen maar een vervanger stuurt. Bij de vorige edities van het Holland Festival kwam Willem Alexander, samen met zijn Echtgenote, naar de openingsvoorstelling. Deze keer niet, deze keer stapte zijn vijfentachtigjarige Moeder uit de AA 65 om de voorstelling bij te wonen. De koning vermoordt Dieren voor zijn plezier. Niet vaak, maar hij doet het wel. Het zou een heel pijnlijke avond voor hem zijn geweest.

Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL

Recensie: Hamlet en Ophelia van Toneelschuur Producties en ITA / Mateusz Staniak

●●●●○

 

HAMLET EN OPHELIA

 

TONEELSCHUUR PRODUCTIES EN ITA / MATEUSZ STANIAK

 

Door Piet van Kampen, gezien 25 mei 2023

Aan het begin van de voorstelling Hamlet en Ophelia zijn we meteen in kamer 100 van het legendarisch Chelsea Hotel in New York, waarin Sid Vicious, voormalig bassist van de Sex Pistols, en zijn vriendin Nancy Spungen de laatste maanden van hun leven doorbrengen. 

Leunend tegen het bad ligt Spungen met een mes in haar buik. Met twee handen omklemt ze het heft. Om het eruit te trekken? Om het er verder in te duwen? Ze sterft hoe dan ook. Ze is pas 20. Een paar maanden later overlijdt Sid Vicious aan een overdosis. Hij is dan 21.

Een paar maanden terug in de tijd. Malcolm McLaren, de manager van de punkband Sex Pistols (Pepijn Korfage), doet een tot mislukking gedoemde poging om Vicious en Spungen te interviewen, daarin bijgestaan door cameravrouw Lee (Robin Zaza Launspach). 

Het is een scène die gebaseerd is op een tv-interview waarin de twee niet veel verder komen dan gegiechel en antwoorden van niet meer dan twee woorden. Niet de tekst, maar de soundscape (van George Dhauw) is daarom een groot deel van de voorstelling de drijvende kracht.  

Door de verhaallijn Sid en Nancy verweeft regisseur Staniak een tweede verhaallijn, die van Die Hamletmaschine van Heiner Müller uit 1977. Die tekst, van maar negen pagina's, spelen Arne Luiting en Laura De Geest zo goed als integraal. En zonder het bij heroïneverslaving horend gedrag in hun rol als Sid en Nancy.

Ik was Hamlet […] hier komt het spook dat me gemaakt heeft. Je kan je hoed ophouden, ik weet dat je een gat teveel hebt. Ik wou dat mijn moeder er een te weinig had toen jij in het vlees zat, ik zou me bespaard gebleven zijn.”

Ik ben Ophelia. Die de stroom niet heeft gehouden. De vrouw aan de strop. De vrouw met de opengesneden polsaders. De vrouw met de overdosis OP DE LIPPEN SNEEUW.”

Voegt Mateusz Staniak met de dramatische geschiedenis van de culthelden Sid Vicious en Nancy Spungen iets toe aan De Hamletmachine? Ik denk het wel, want met dat thema, en ondersteund door een perfecte soundscape, laat Staniak zien hoe open Müllers tekst is, hoeveel ruimte die klassieker biedt voor nieuwe interpretaties. 

En dat niet-hermetische dat Hamlet en Ophelia in alle opzichten kenmerkt, bevalt mij heel goed.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Toneelschuur Producties