Recensie: Kras van Toneelschuur Producties / Paul Knieriem

●●●○○

 

KRAS

 

TONEELSCHUUR PRODUCTIES / PAUL KNIERIEM




Door Piet van Kampen, gezien 15 november 2018 

Drie jaar leefde Marlies Heuer (1952) met het idee dat ze haar ernstige ziekte, de zeldzame beenmergaandoening MDS, mogelijk niet zou overleven. Maar sinds vorig jaar staat ze weer op de planken. Iets minder vast ter been dan voor haar ziekte, dat wel. Maar haar subtiele mimiek en haar perfecte tekstbehandeling zijn weer als vanouds. Dat bleek vorig jaar al in Uit de tijd vallen, een voorstelling naar het boek Uit de tijd vallen, een verhaal in stemmen van David Grossman uit 2012.

In Kras, de afscheidsregie van Paul Knieriem bij Toneelschuur Producties, speelt Marlies Heuer een vrouw van tegen de zeventig bij wie elke nacht een inbreker wel de boel overhoop haalt maar nooit iets steelt. Of doet ze het zelf? Ze wijst elk aanbod van haar kinderen of hun partners om bij haar in huis te komen slapen steevast af: 'Weet je, alleen zijn kost een hele tijd om dat te leren, om daar plezier in te krijgen. Maar om het weer af te leren, dat gaat helemaal niet'.

Met haar voeten iets verder uit elkaar dan gebruikelijk, en met een theekan in haar handen, staat Heuer. Ze beweegt nauwelijks. En als ze beweegt, is dat met traag roterende bewegingen van haar bovenlichaam. Toch kun je geen moment niet naar haar kijken. Juist door dat bijna onbeweeglijke acteren en haar fenomenale mimiek speelt Heuer haar rol van de door haar man verlaten Ina op een onvergetelijke manier.

Noteer dus maar alvast: genomineerd voor de Theo d'Or: Marlies Heuer voor haar rol als Ina in Kras van Toneelschuur Producties / Paul Knieriem.

Zowel Ina's man als haar oudste zoon zijn kunsthandelaar. Dat inspireerde Catharina Scholten tot een volledig in zwart-wit uitgevoerd decor waarin, naast het verspreid over de vloer liggende serviesgoed, een zeegezicht met vissersboot van Turner domineert. En waarin af en toe een 'laatste avondmaal' preludeert op de afloop.

Na vijf nachten waarin 'de dief of zoiets' in haar huis is geweest, volgen vijf dagen waarop Ina eigenlijk haar kinderen en hun partners bij elkaar wilde hebben om het over haar testament te hebben. Maar in hun gesprekken gaat het - soms expliciet maar vaker op een indirecte manier – vooral over verlaten worden, over alleen zijn.

Dochter Do (Malou Gorter), de oudste, is alleen 'omdat ze niets onderneemt', Manfred (Piet Kooij), de jongste, omdat hij autistische trekjes heeft. Theo (Jan-Paul Buijs) is zo bang voor het alleen zijn dat hij alvast een reservevriendin (Lindsay Zwaan) uit Australië heeft laten overkomen. En oudste zoon William (Tjebbo Gerritsma) kan niet voor zich houden dat hij 'een schrijnend verlangen heeft naar die ander'. 'Alsof het erfelijk is', verzucht Ina, 'letterlijk, letterlijk zo formuleerde pappa het toen'.

Judith Herzberg schreef Kras in 1988 op verzoek van Maatschappij Discordia, een jaar later werd het ook gespeeld door Toneelgroep Amsterdam. Kras is een tekst waarin vrij lang veel verborgen blijft. Opzettelijk. Het is een tekst waarin het thema vooral uit de venijnige opmerkingen van de kinderen en hun partners langzamerhand helder wordt. Van zo'n aanpak in literatuur of toneelteksten moet je houden. Maar ook als je daar niet echt een liefhebber van bent, mag je vanwege het meesterlijke acteren van Marlies Heuer deze voorstelling toch niet missen.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Toneelschuur Producties

Recensie: Hamlet 0.2 van Jan Decorte/Bloet

●●●○○

 

HAMLET 0.2

 

JAN DECORTE / BLOET




Door Piet van Kampen, gezien 31 oktober 2018 

Zoals hij dat ook deed met andere klassiekers, ontbeende Jan Decorte in zijn eerdere vier bewerkingen van Hamlet de tekst om er vervolgens een poëtische herschrijving van te maken. Nu, de vijfde keer dat hij Shakespeare's Hamlet onder handen neemt, gaat hij op een andere manier te werk. In Hamlet 0.2 integreert Decorte flarden tekst uit zijn eerdere versies in een voorstelling waarbij vooral tableaus vivant en bewegingen, en niet zozeer teksten, het verhaal vertellen.

Daarnaast switcht Decorte deze keer volledig naar het vrouwelijke perspectief. Niet de Deense prins Hamlet staat centraal maar Ophelia, de dochter van Polonius. Hamlet 0.2 zou met die keus dus kunnen passen in de serie Weiblicher Akt van Maatschappij Discordia.

Aan drie zijden een lage witte wand, in het midden van de achterwand een wit urinoir, rechts een muurtje van grote witte stenen. In dat decor maken Sigrid Vinks en de stagiaires Ellis Meeusen en Lisah Adeaga (alle drie wit bepoederd en in witte onderbroeken) trage bewegingen die het midden houden tussen yoga-oefeningen en dans. Slechts af en toe neemt een van de drie het woord met een paar zinnen uit eerdere Hamlet-bewerkingen van Decorte. Zoals deze uit Amlett (2001):

tisof
tisni
dattist
slape
drome
sterve
Naast de speelvloer zit Decorte zelf, goudkleurige schoenen, zwarte sportbroek tot net boven de knie, zwarte bh waarvan de bandjes steeds afzakken. Na ongeveer een half uur komt hij van zijn stoel om zich te kastijden, daarna gaat hij weer zitten. Tegen het eind wordt op de achterwand op film een piëta vertoond: Decorte gedragen door Ellis Meeusen. Als iedereen gestorven is, herrijst Electra uit de dode Ophelia, een verwijzing naar Decortes versie van Die Hamletmachine van Heiner Müller.

De feminisering in Hamlet 0.2 zorgt voor een verfrissende blik op de klassieker, en het lijfelijke, haast rituele spel van de drie actrices is boeiend om naar te kijken. Maar het is wel heel erg geabstraheerd, deze vooral visuele bewerking van Shakespeare's Hamlet. Voor wie het stuk niet goed kent, mogelijk niet altijd helemaal goed te volgen.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Bloet

Recensie: Het Bezoek van De Roovers & Muziektheater Transparant

●●●○○

 

HET BEZOEK

 

DE ROOVERS & MUZIEKTHEATER TRANSPARANT




Door Piet van Kampen, gezien 19 oktober 2018 

In de bewerking van De Roovers van de groteske tragikomedie Der Besuch der alten Dame van Friedrich Dürrenmatt uit 1956 komt Klara Wäscher, die op haar zeventiende vertrok, terug in het inmiddels volledig vervallen stadje Güllen. Ze heet nu Claire Zachanassian en is door haar huwelijk met een oliemagnaat miljardair geworden. De bewoners van Güllen rekenen er dan ook op dat Claire het stadje er met een flinke financiële injectie bovenop helpt.

Het eerste bedrijf is nog wat stroef. Terwijl ze op het station wachten op de steenrijke Claire, beschrijven de notabelen de teloorgang van hun stadje. De vrouw van kruidenier Alfred beschildert een welkomstbord. De burgemeester verzamelt informatie voor zijn welkomstspeech.

Pas aan het eind van dat eerste bedrijf als Claire (Sara De Bosschere) arriveert en zegt dat ze bereid is het stadje vijf miljard te schenken, komt er vaart en spanning in de voorstelling. Want er is een voorwaarde aan haar schenking verbonden. Ze blijkt een wraakgodin en wil dat Alfred, haar toenmalige geliefde, wordt gedood: 'Ik koop met die vijf miljard gerechtigheid'. In eerste instantie wordt die voorwaarde verontwaardigd van de hand gewezen. 'We zijn humanisten', zegt de leraar Latijn (Robby Cleiren), 'liever arm, dan met bloed bevlekt'.

Maar het zaadje is geplant. De burgemeester (Warre Borgmans) maakt plannen voor een nieuw stadhuis, de dominee (Michael Vergauwen) voor een nieuwe klok, Alfreds vrouw (Sofie Sente) verschijnt in een nieuwe bontjas. En iedereen schaft nieuwe, gele, schoenen aan. Maar allemaal bezweren ze dat dat niets met de voorwaarde van Claire te maken heeft. Alleen Alfred zelf (Luc Nuyens), de tragische held in dit stuk, realiseert zich meteen dat zijn lot onvermijdelijk is: 'De stad maakt schulden. Met de schulden stijgt de welvaart. Met de welvaart de noodzaak mij te doden.'

Het aan Muziektheater Transparant verbonden ensemble LÂP (les âmes perdues) zorgt met accordeon, piano, cello, triangel en stem (sopraan Naomi Beeldens) voor prachtige muzikale intermezzi. Onder andere met fragmenten uit het Requiem van Heinrich Schütz en het lied Ich hab' noch einen Koffer in Berlin van Marlene Dietrich.

Het Bezoek is zowel een verhaal over het louteringsproces van de tragische held na zijn bedrog bij een rechtszaak, als een satire op het oplevende kapitalisme van na de tweede wereldoorlog (dankzij de financiële injectie van het Marshallplan). Het laat ook zien wat te verwachten rijkdom met mensen doet, hoe 'Liever arm, dan met bloed bevlekt' kan veranderen in 'Liever met bloed bevlekt, dan arm'.

Zeven acteurs - de vier van De Roovers en drie gastspelers - nemen zestien rollen voor hun rekening. Luc Nuyens laat het louteringsproces van zijn personage Alfred overtuigend zien. De gastspelers Warre Borgmans als burgemeester en Bert Haelvoet als politiecommissaris zorgen met hun droogkomische speelstijl voor de nodige humor. De anderen zijn wat minder overtuigend, vooral het spel van Sara De Bosschere als Claire is erg vlakjes.

Heel belangrijk is dat niet. Want Het Bezoek moet het vooral hebben van de nog altijd boeiende tekst van Dürrenmatt. En van de vaart en de nauwkeurige timing waarmee die tekst wordt gebracht. En dat gebeurt. Daardoor is Het Bezoek van De Roovers toch een voorstelling waarbij je vanaf de aankomst van 'de oude dame' tot het onvermijdelijke offer van haar jeugdliefde Alfred aan je stoel gekluisterd blijft.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: De Roovers

Recensie: Lam Gods van NTGent / Milo Rau

●●○○○

 

LAM GODS


NTGENT / MILO RAU




Door Piet van Kampen, gezien 28 september 2018, geplaatst 17 oktober 2018

Bij de Zwitserse regisseur Milo Rau is een voorstelling altijd onderdeel van iets groters, van een 'sociaal-imaginaire werkelijkheid' die veranderingen teweeg moet brengen. Dat begint met de eerste voorbereidingen en eindigt pas als het laatste woord erover is gezegd. Bijna alles wat Rau maakt is re-enactment, een proces waarbij ruimte is voor 'sociale fantasie'. Omdat er volgens Rau niet zoiets bestaat als 'documentaire waarheid', is kunst nodig, 'want kunst kan een artistieke waarheid creëren.'*

Hoe past Lam Gods, de openingsvoorstelling van Milo Rau als artistiek leider van NTGent, in die manier van denken? Welke nieuwe werkelijkheid, welke artistieke waarheid wordt met Lam Gods gecreëerd? Welke 'sociale fantasie' wordt zichtbaar bij de actualisering van het beroemde retabel De Aanbidding van het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck?

Lam Gods begint in januari 2018 als NTGent kleine advertenties in de kranten zet. Zoals deze: 'Vindt u het goed om naakt het podium op te gaan? Houdt u van appels en slangen? lamgods@ntgent.be' Of deze: 'Vecht u voor uw overtuiging? Voor God? Vocht u voor IS, voor andere religies?
lamgods@ntgent.be' Natuurlijk weten Milo Rau en zijn team wel dat iemand die voor de IS vocht óf in de gevangenis zit, óf door justitie wordt gezocht. Maar het werkt. Tot een debat in het parlement aan toe.

In maart 2018 nodigen artistiek leider Milo Rau en hoofd communicatie Pablo Fernandez Alonso van NTGent de pers uit om een casting bij te wonen. Figuranten die zich kandidaat stellen om Adam of Eva te spelen wordt gevraagd zich niet alleen emotioneel maar ook fysiek bloot te geven voor Rau en twee andere medewerkers van NTGent. Goede keus om juist bij die casting pers toe te laten.

Begin september 2018 duiken er beelden op, of lekt NTGent beelden, waarin de figuranten die Adam en Eva zullen spelen naakt een intieme choreografie uitvoeren waarbij kinderen die meedoen in het stuk toekijken. Het is een groot succes. De Vlaamse kranten gaan er gretig op in. Meestal met het woord 'commotie' in de kop van het artikel. Weer gratis publiciteit dus. 

Tijdens de première op vrijdag 28 september 2018 vertelt Fatima Ezzarhouni op het podium over haar zoon die naar Syrië vertrok. Met tranen in haar ogen leest ze zijn korte afscheidsbrief voor. Toen ze al aan het repeteren was, hoorde ze dat hij in Idlib is omgekomen. NTGent-actrice Chris Thys reikt haar na die getuigenis een blauwe omslagdoek aan, want in de re-enactment van De aanbidding van het Lam Gods zal Ezzarhouni als Maria op het achterscherm worden geprojecteerd.

Op zondag 30 september 2018, twee dagen na de première, trekt Ezzarhouni zich onder druk van de Gentse moslimgemeenschap terug. Als reden wordt opgegeven het naakt op het podium.

Op maandag 8 oktober 2018 meldt NTGent in een persbericht dat Lam Gods niet zal worden aangepast. Daarbij wordt verwezen naar een petitie van
CitizenGo, waarin wordt gesteld dat 'kinderen op jonge leeftijd worden gedwongen een erotische scène te bekijken'. Wie had er voor dat persbericht van NTGent van dat clubje gehoord?

De voorstelling zelf is geen toneelstuk, maar het proces van het tot stand komen van een geactualiseerde afbeelding van het beroemde vijftiende-eeuwse altaarstuk. Twee acteurs, Frank Focketyn en Chris Thys, voeren daarbij steeds een inleidend gesprekje met een figurant voordat die op het achterscherm zal worden geprojecteerd. Op die manier worden de twaalf panelen van het schilderij van Hubert en Jan Van Eyck stap voor stap in een hedendaags jasje gestoken.

In de twee uur die de voorstelling duurt, is er maar één scene die het publiek iets anders laat meemaken dan primaire ervaringen. Alle andere scènes zijn getuigenissen die de onmiddellijkheid niet overstijgen. De indrukwekkendste van die getuigenissen, die van de moeder van de jihadist, is na twee speeldagen ook nog eens noodgedwongen geschrapt.
 

Alleen de scène waarin Adam en Eva elkaar strelen, overstijgt die onmiddellijkheid, door de choreografie, door de esthetisering, door er kunst van te maken. Daarmee appelleert deze scène als enige aan meer dan alleen primaire ervaringen als herkenning, vertedering of medeleven.
 
*Zie de essays en interviews in Milo Rau, Globaal Realisme, NTGent & IIMP, 2018.
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: NTGent

Recensie: Heimat 3, How to build a home van De Nwe Tijd

●●●○○

 

HEIMAT 3, HOW TO BUILD A HOME

 

DE NWE TIJD




Door Piet van Kampen, gezien 12 oktober 2018 

Eenzaamheid is het thema van deze derde Heimat. Centraal staat een gefilmd bezoek aan James Alexander Wood uit Leicester die een reactie plaatste onder een YouTube-filmpje van de song To Build A Home. Daarin schreef hij dat zijn beste vriend een jaar daarvoor zelfmoord had gepleegd. Tot drie keer toe had die vriend hem die avond proberen te bellen. Maar Wood had zijn telefoon niet opgenomen omdat hij zat te gamen. Hij schreef dat hij zich nog steeds zo schuldig en verdrietig voelde. En zo eenzaam.

Terwijl ze met bouwhelmen op een huis bouwen, wisselen de vijf op het podium (Suzanne Grotenhuis, Harald Austbø, Rebekka de Wit, Matthias Van de Brul en Tim David) collectief vertelde verhalen, waarbij ze om en om aan het woord zijn, af met monologen. Tijdens de overgangen tussen de scènes zorgt Austbø steeds voor (cello)muziek. Alle scènes, zowel de monologen als de samenspraak, hebben min of meer te maken met eenzaamheid, of met de relatie tussen individu en groep.

In de openingsmonoloog van Rebekka de Wit ligt het accent op het moment vlak voor een voorstelling begint, vlak voordat in een publiek ieder zich individueel tot de voorstelling gaat verhouden. Matthias Van de Brul zoomt in zijn monoloog in op het feit dat van zijn generatie al vanaf dat ze konden lezen een eigen mening werd gevraagd. Dat ze zich vanaf dat ze zeven waren al niet meer mochten verschuilen in de groep. In de slotmonoloog haalt Suzanne Grotenhuis een herinnering op aan hoe ze achterop de fiets bij haar moeder in slaap viel, waarmee ze deze derde met de eerste Heimatevoorstelling verbindt.*

De kwaliteit van de scènes wisselt nogal. De monologen van De Wit en Van de Brul springen eruit. Die van De Wit vanwege de geraffineerde compositie, die van Van de Brul door zijn acteren. Ook de muzikale intermezzi van Harald Austbø zijn van hoog niveau. Maar sommige van de collectief vertelde verhalen, zoals die over de bouw van Crystal Palace voor de wereldtentoonstelling in Londen, zitten wel vol leuke weetjes, maar de relatie met het thema is af en toe een beetje gezocht. Datzelfde geldt voor de met de formule 'Ik stel me zo voor dat' gefantaseerde onderdelen. Zoals het bezoek van Karl Marx aan diezelfde wereldtentoonstelling.

Ondanks het feit dat er hier en daar wat minder in het thema passende scènes zijn, is er in Heimat 3, How to build a home net als in de twee vorige Heimatvoorstellingen, weer genoeg om van te genieten en om over na te denken. Ook nu is het door Freek Vielen, Suzanne Grotenhuis en Rebekka de Wit geleide De Nwe Tijd er weer in geslaagd een intelligente en boeiende voorstelling te maken.


* In Heimat, een theatervoorstelling, uit 2014, onderzoeken Suzanne Grotenhuis, Harald Austbø, Rebekka de Wit, Tom Struyf en Tim David wie ze zijn als eind twintigers door én live zichzelf te spelen én in opgenomen beelden in gesprek te gaan met hun ouders en grootouders. Dat leverde een aantal ontroerende scènes op. Zowel inhoudelijk als wat betreft de vorm was die eerste Heimat een perfect uitgebalanceerde en indrukwekkende voorstelling.
In Heimat 2, afscheid nemen, uit 2016, doen Freek Vielen, Suzanne Grotenhuis, Harald Austbø en Tim David verslag van hun reis via Denemarken en IJsland naar Groenland om daar een requiem te spelen. Inhoudelijk interessant maar door de vele videobeelden van besneeuwde landschappen en interviews toch wat te fragmentarisch. Wel af en toe goede teksten. En heel mooie muziek van Austbø.
  
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: De Nwe Tijd

Recensie: Voltaire van Maatschappij Discordia

●●●○○

 

VOLTAIRE

 

MAATSCHAPPIJ DISCORDIA




Door Piet van Kampen, gezien 6 oktober 2018 

Een klein podium, twee donkerbruine kasten links en rechts, een plankenvoer ertussen, een donkerbruin achterdoek. Als we de zaal binnenkomen, lopen Jan Joris Lamers en Miranda Prein rond alsof ze tot het allerlaatste moment nog bezig zijn het eens te worden over de beste looplijnen voor de overgangen. 'Is het nou één keer opschenken?', vraagt Annette Kouwenhoven ondertussen. Ze is koffie aan het zetten op de barkruk naast een van de twee kasten.

Wat we na deze ouverture zullen gaan zien is een voorstelling over leven en werk van Voltaire. Maar, zoals vaker bij Discordia, gaat het ook over de enscenering van de voorstelling en over de manier waarop de personages zouden moeten worden gespeeld. De drie acteurs stappen daarom dan ook voortdurend in en uit hun rol. Soms gaat dat zo snel dat je als toeschouwer niet weet of bijvoorbeeld Voltaire kwaad wordt op Emilie of Lamers op Prein. Of dat Voltaire iets beweert of Lamers. Het kan natuurlijk ook nog dat die twee het dan gewoon met elkaar eens zijn.

Voltaire is het pseudoniem van François-Marie Arouet (1694-1778). Hij publiceerde romans, toneelstukken, gedichten, filosofische verhandelingen en essays. Maar zijn grote liefde was toneel. Hij had een klein theatertje waar hij samen met vrienden, waaronder zijn vriendin Emilie Marquise du Châtelet, zijn eigen stukken opvoerde.

Miranda Prein
die zowel zichzelf als Emilie speelt, heeft een papier met een schema in haar handen. Daar ontstaan regelmatig discussies over met Lamers. Kouwenhoven mengt zich daar niet in, met als argument dat ze altijd het compromis zoekt. Prein blijft steeds houvast zoeken in dat schema: 'Flarden van gebaren die horen bij een plot (…) repeteren van het applaus (…) acht korte teksten met onderbreking (…) nu spring je weer naar 3 (tegen Lamers). Lamers, het conflict zoekend zoals Voltaire dat deed, gaat daar dan altijd tegenin.

Voltaire (Jan Joris Lamers), steeds in het midden - de twee vrouwen staan aan de zijkanten - vertelt eerst over zijn leven. Over zijn vader, de volksliedjesschrijver, de notaris bij wie hij opgroeide, het jezuïetencollege. Daarna over zijn werk: 'Toen ik 21/22 was schreef ik Oedipe. Alles wat ik daarna schreef, ligt in dat plot besloten.' En natuurlijk over de vele ruzies als hij weer eens iemand had beledigd. Oedipe schreef hij om die reden dan ook in de Bastille, waarin hij een jaar vast zat.

Na elk van de acht delen van Voltaire is er gekissebis over de manier waarop de overgang naar het volgende deel moet worden uitgevoerd. Tot twee keer toe (bij toneel moet alles worden herhaald, hebben we dan al geleerd) leidt dat tot totale ontreddering: bijna twee minuten blijven de drie acteurs/personages onbeweeglijk staan.

Jan Joris Lamers is in Voltaire niet alleen als maker (zoals bij de serie Weiblicher Akts) maar ook weer eens als acteur actief. Zowel als zichzelf als als Voltaire schiet hij daarbij regelmatig uit zijn slof. Kouwenhoven tegen Voltaire: 'Je was toch heel intelligent!' 'Wat heb ik eraan intelligent te zijn', fulmineert Voltaire, 'als je voortdurend op een kist moet springen om te zeggen dat het zo niet kan!'

Maatschappij Discordia blijft maar met goede voorstellingen komen. Ook deze Voltaire is weer heel informatief, maar toch luchtig. Ideaal voor wie op een prettige manier wat wil bijleren over Voltaire en over het vak theatermaken. En wie zou dat niet willen na Voltaire's verordening 'Het enige waarachtige gebod is het gebod op weten.'


Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Maatschappij Discordia

Recensie: Chekhov's First Play van Dead Centre / Bush Moukarzel en Ben Kidd

●●●●○

 

CHEKHOV'S FIRST PLAY

 

DEAD CENTRE / BUSH MOUKARZEL EN BEN KIDD




Door Piet van Kampen, gezien 19 augustus 2016, geplaatst 8 oktober 2018 

Tsjechov was negentien toen hij zijn eerste toneelstuk schreef. Maar hij was er niet tevreden over. Het ging de la in. Als Tsjechov na het schrijven van korte verhalen later in zijn leven toch weer met toneelstukken aan de slag gaat, levert dat klassiekers op als De Meeuw, Oom Wanja, Drie Zusters en De Kersentuin. Pas na zijn dood wordt zijn eersteling ontdekt, zonder titel. Meestal wordt het opgevoerd als Platonov, naar het hoofdpersonage, de charismatische dorpsonderwijzer.

'De regisseur' (gespeeld door regisseur Bush Moukarzel) komt op en begint met een soundcheck. Want de toeschouwers hebben allemaal een koptelefoon. Pas daarna gaat het doek open en horen we via die koptelefoons de acteurs én het kritische commentaar dat 'de regisseur' daarop geeft vanuit de coulissen.

In het landhuis van Anna Petrovna wachten de gasten op Platonov. Ze discussiëren ondertussen over leven en dood, verveling, depressie en ongelukkige huwelijken. En allemaal verlangen ze naar iets groters dan het leven dat ze nu leiden. Dit eerste deel van Chekhov's First Play speelt zich af in een traditionele realistische setting. Maar dan wel steeds met het kritische, vaak meta-theatrale, maar ook geestige commentaar van 'de regisseur'. In dat commentaar zijn ook kritische opmerkingen verwerkt die Tsjechov zelf in zijn brieven maakte over zijn toneelwerk.

Terwijl de gesprekken tussen de op Platonov wachtende personages gewoon doorgaan, horen we aan het eind van het eerste deel hoe 'de regisseur' steeds meer opgaat in zichzelf: 'I had ambitions, once (...) for new forms of theatre (…) connect to audiances in a new way (…) a real person from the audience (…) instead of this'.

Deel twee begint als
een sloopkogel met een klap een eind maakt aan het negentiende-eeuwse realisme en iemand uit het publiek de rol van Platonov op zich neemt. We zijn in het nu. Met de taal van nu. Triletsky: 'Everybody shut up! I'm ordering Chinese. Anyone wants anything? ' In dit tweede deel is wat er met de koptelefoons wordt gedaan nog ingenieuzer dan in het eerste.

Alleen het geluidsontwerp (van Jimmy Eadie) maakt Chekhov's First Play al tot een unieke theaterervaring. Maar er is meer. De acteurs zijn zonder uitzondering van hoog niveau. Het zelfgenoegzame erudiete commentaar van 'de regisseur' en de manier waarop Platonov, die maar gewoon uit het publiek komt, wordt aangestuurd, zijn technisch heel knappe, maar ook heel geslaagde 'new forms of theatre.' Chekhov's First Play is al met al een heel intelligente, heel ingenieuze en heel geestige voorstelling. Een must voor de echte theaterliefhebber.

Chekhov's First Play van Dead Centre is van donderdag 11 t/m zaterdag 13 oktober 2018 te zien in Internationaal Theater Amsterdam (Stadsschouwburg Amsterdam).


Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Dead Centre

Recensie: All Inclusive van Julian Hetzel / CAMPO

●●●●○

 

ALL INCLUSIVE

 

JULIAN HETZEL / CAMPO




Door Piet van Kampen, gezien 20 september 2018 

'Allah is groot! Vergeet Aleppo niet, vergeet Syrië niet!', riep de schutter die in 2016 in een expositieruimte de Russische ambassadeur in Turkije neerschoot.' De foto van de moordenaar met zijn opgeheven wijsvinger ging de wereld over. Met levende standbeelden (Edoardo Ripani en Geert Belpaeme) die iconische moordaanslagen uitbeelden, waaronder die in Turkije, begint All Inclusive, de nieuwe voorstelling van Julian Hetzel bij Campo.

Die eerste scène, in wat later de eerste zaal van een expositie blijkt te zijn, is niet de sterkste. De standbeelden van de moordenaars en hun slachtoffers spreken al voor zich. Toch worden ze uitgelegd door de foto's te tonen waarop ze zijn gebaseerd. Vervolgens komen die standbeelden ook nog eens in beweging, terwijl er een fragment uit Stop Imperialist Pop van Atom TM klinkt. Dat is iets te veel van het goede.

Maar wat daarna komt is indrukwekkend en blijft indrukwekkend. Een museumgids (Kristien De Proost) leidt vijf bezoekers rond
in een museum voor contemporaine kunst en geeft uitleg bij wat er is te zien. Vanavond zijn die bezoekers figuranten uit Amsterdam, drie daarvan vluchtelingen uit Aleppo, de andere twee uit Irak. Ik wil niet te veel weggeven van wat er in Escape, zoals het museum voor actuele kunst in All Inclusive heet, wordt getoond. Voor wie de voorstelling nog wil zien, is het verrassingselement essentieel.

Heel cryptisch dan: Zaal 2 heeft te maken met een video die IS in februari 2015 maakte in een museum in Mosul, Irak. In zaal 3 staan schattige porseleinen hondjes. En er ligt een hamer. In zaal 4 gebeurt iets met oorlogspuin uit Aleppo, Syrië. In zaal 5 kijken de vijf museumbezoekers uit Syrië en Irak naar een film waarop verf in allerlei kleuren opspat, terwijl de geluiden erbij het verhaal vertellen. In de zesde en laatste zaal zijn cijfers belangrijk, want in deze zaal gaat het om de aantallen slachtoffers. 


Na een live gespeelde muziekclip, met hier en daar wat geweld en wat bloed, nodigt Kristien De Proost het publiek uit om nog even door de museumshop te lopen voor een leuke button of een andere vrolijke herinnering aan het museumbezoek.

Met als inspiratie het oorlogsgeweld in het Midden-Oosten wordt op de speelvoer live kunst gecreëerd door destructie. Het gevolg van vernietiging en het vernietigen zelf tot kunst maken en dat in een museale setting tonen, daarover gaat All Inclusive. Af en toe heel confronterend is dat. Maar ook zeer de moeite waard.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Campo

Recensie: De Vrouw van Orkater | Lars Doberman

●●●●○

 

DE VROUW 

 

ORKATER - LARS DOBERMAN



Door Piet van Kampen, gezien 14 september 2018

Muziektheatercollectief Lars Doberman onderzoekt in De Vrouw wat dat eigenlijk is 'de vrouw'. Op speelse wijze besnuffelen Reinout Scholten van Aschat, Jip van den Dool, Mattias Van de Vijver, Matthijs van de Sande Bakhuyzen en scenograaf Jochem van Laarhoven - allemaal eind twintigers - dat mysterieuze onderwerp. De op hun verzoek door Vincent van der Valk geschreven tekst dient daarbij als raamwerk.

Na een sereen en zwijgend opgebouwd openingsbeeld, ontworpen door Van Laarhoven, waarin de vier acteurs heel geconcentreerd samenwerkend een wankel evenwicht creëren, volgt eerst een disclaimer. Scholten van Aschat en Van de Sande Bakhuyzen excuseren zich uitvoerig voor wat ze vorig jaar in een interview in de Volkskrant over vrouwen hebben gezegd. Vervolgens citeren ze mails van schrijver Vincent van de Valk en eindregisseur Vincent Rietveld, die zich daarin op voorhand indekken tegen wat de Dobermannen van plan zijn te doen.

Hoewel het collectief Lars Doberman vaart onder de vlag van Orkater en niet onder die van De Hotshop is De Vrouw een voorstelling à la De Warme Winkel: het thema wordt op allerlei manieren en in allerlei verschillende speelstijlen onderzocht en de acteurs gaan regelmatig met elkaar in discussie. Niet zo gek natuurlijk met een van de oprichters van de Warme Winkel als eindregisseur.

De Vrouw is een voorstelling waarvan je vrolijk wordt. Ik tenminste wel. Misschien wel vooral omdat de vier - het zijn alle vier hele goede acteurs – zo zichtbaar met plezier 'spelen' met hun materiaal. En daarbij steeds ook laten zien dat ze boven dat materiaal en boven de tekst staan, zelf makers zijn van hun voorstelling. Om dat te demonstreren zetten ze de lichtbak met een afbeelding van een valk erop aan als ze zich letterlijk aan de tekst van Van der Valk houden. Knippen ze het licht uit dan laten ze die tekst los. Of gaan ze er tegenin.

De toon wordt gezet met een hilarisch verhaal over De Ware Liefde. Met een sublieme Matthijs van de Sande Bakhuyzen als koning Amorius (in een speelstijl die doet denken aan Rick Mayall als Lord Flashheart in Blackadder). Met Mattias Van de Vijver als pater Pedro, die beroepsmatig vanzelfsprekend alles weet over vrouwen. En dan nog een geweldige Jip van den Dool als koninklijke boodschapper die kiest voor bevredigende antwoorden omdat hij neerkijkt op de waarheid. Jammer dat een brief van het publiek dat prachtige sprookje zo abrupt afbreekt.

Er is geen enkele scène die ik niet heel goed vind. Maar er zijn er twee die meer zijn dan heel goed. De fluisterdiscussie achter het gesloten doek is de ene. Daarin komen alle clichébeelden die mannen hebben over het verschil tussen vrouwen en mannen in hoog tempo aan bod. De andere is 'het relatiegesprek' waarbij de acteurs steeds zo razendsnel van positie wisselen (man spelen of vrouw spelen) dat ze elke keer rennend naar de lichtbak met de valk moeten om die aan of uit te doen. Het is een scène waarin alle denkbare manieren om in relaties te bekvechten de revue passeren. En dat in een minuut of tien. Meesterlijk.

De Vrouw van Orkater | Lars Doberman is twee uur lang volop genieten van de fraaie enscenering en van vier op hoog niveau acterende acteurs/muzikanten die alles wat ze weten, denken en fantaseren over het fenomeen 'de vrouw' op een speelse manier uitwerken. Een aanrader. Ook voor vrouwen.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Orkater

Recensie: Hin und Her van 't Barre Land & Tijdelijke Samenscholing en Co

●●●○○

 

HIN UND HER

 

'T BARRE LAND & TIJDELIJKE SAMENSCHOLING EN CO




Door Piet van Kampen, gezien 7 september 2018 

Ödön von Horváth (1901-1938) schreef Hin und Her, een klucht in twee delen, in 1933. Het ging in 1934 in première in Zürich en was tot nu toe niet in het Nederlands vertaald. Vanavond is de Nederlandse première van een stuk dat weliswaar is gebaseerd op Hin und Her, maar dat is aangevuld met teksten uit andere bronnen.

Drogist Ferdinand Havlicek (Michiel Bakker) is geboren in land X, maar als baby al verhuisd naar land Y. Een halve eeuw heeft hij daar gewoond, dertig jaar heeft hij er belasting betaald. Nu zijn drogisterij is gesloten, wil Havlicek de grens over, terug naar zijn geboorteland.

Grenswachter Tomas Szamek (Margijn Bosch) laat hem niet door. Havlicek heeft niet de juiste papieren, hij heeft verzuimd om zijn verblijfsvergunning te verlengen. Zijn verweer dat hij van die verplichting niet op de hoogte was omdat hij in de kranten alleen de overlijdensberichten leest, maakt geen indruk. Terug kan hij ook niet. Ook grenswachter Konstantin (Sarah Jonker) laat hem op juridische gronden niet door. Ook in het land waar hij bijna zijn hele leven heeft gewoond, is hij niet meer welkom. Havlicek zit vast op de houten brug tussen de twee landen.

Op die brug gebeurt van alles. Zo vist een leraar (Vincent van den Berg) er elke dag zonder wat te vangen. Dat komt, vindt hij zelf, omdat zijn vrouw (Carole van Ditzhuyzen) hem steeds veel te dunne wormen brengt. Er wordt gesmokkeld tussen de twee landen. En Havlicek wordt door de grenswachter van het land waar hij woonde ingezet als postillon d'amour. Want Konstantin is verliefd op Szamek's dochter Eva.

Von Horváth noemde zijn Hin und Her een klucht, een sprookje. Daarnaast wilde hij dat in sommige scènes werd gezongen. Echt kluchtig spelen de acht acteurs niet, geen enkele keer ontlokken ze een lach aan de zaal, en zingen laten ze over aan muzikant Stan Vreeken, die zich daarbij begeleidt op gitaar. Het sprookjesachtige einde heeft de bewerking wel overleefd.

Het is verleidelijk om in Hin und Her uit 1933 een verhaal te zien waarin de actualiteit van het huidige migrantenvraagstuk aan de orde komt, om er een naar te kijken als een stuk dat gaat over de vluchtelingen van nu die kloppen op de deuren van Europa. En om daarmee de keuze voor dit stuk te rechtvaardigen. Zelf zegt Von Horváth over zijn bedoeling met Hin und Her: 'Es soll zeigen, wie leicht sich durch eine menschliche Geste unmenschliche Gesetze außer Kraft setzen lassen.' (Vrij vertaald: Het moet laten zien hoe gemakkelijk onmenselijke wetten door een menselijk gebaar terzijde kunnen worden geschoven). 

Hin und Her gaat dus over een situatie waarbij wetten in eerste instantie een menselijke beslissing in de weg staan. Maar waarbij uiteindelijk die menselijkheid toch overwint: de smokkelaars worden gepakt, de beloning daarvoor wordt eerlijk gedeeld, de geliefden trouwen, en Havlicek kan gaan en staan waar hij wil.

Als je in Hin und Her toch iets over de actualiteit wil zien, is dat dus eerder de parallel met wat de Armeense kinderen Howick en Lili afgelopen week is overkomen. Op juridische gronden zouden ze uit Nederland, het land waar ze zijn opgegroeid, worden uitgewezen. Op het laatste moment ging dat door een 'menschliche Geste' van de staatssecretaris niet door. 

Hin und Her van 't Barre Land & Tijdelijke Samenscholing en Co is een goede en onderhoudende voorstelling. Niet meer en niet minder. De associatieve taalmonoloog van Sarah Jonker is een knap staaltje super snel spreken. Maar deze en andere aanvullingen maken Hin und Her niet tot een voorstelling die je in verband met de huidige discussie over migranten perse moet hebben gezien.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: 't Barre Land

Recensie: Kronieken van de stad, deel 3, Het R-woord van Timen Jan Veenstra/Hesdy Lonwijk

●●○○○

 

KRONIEKEN VAN DE STAD, DEEL 3, HET R-WOORD


TIMEN JAN VEENSTRA / HESDY LONWIJK




Door Piet van Kampen, gezien 18 juli 2018

In twee jaar tijd schrijft toneelschrijver Timen Jan Veenstra (1984) vier documentaire theaterstukken gebaseerd op Amsterdamse verhalen. Het eerste deel, Tussen werven en hotels, dat in juli 2017 op het Over Het IJ Festival in première ging, behandelde de veranderingen in Tuindorp Oostzaan in Amsterdam-Noord. Het tweede, Kafir, waarvan de première was op 17 maart 2018, ging over Amsterdam-Oost en was een dialoog tussen twee broers die zijn geboren en opgegroeid in een Marokkaans gezin in de Indische Buurt.

In dit derde deel, Het R-woord, dat dit jaar op het Over Het IJ Festival in première ging, breekt Veenstra met de opzet om steeds een ander stadsdeel als uitgangspunt te nemen. Nu onderzoekt hij relaties in de moderne stad waarin verschillende culturen naast elkaar leven. In wat hij zijn meest persoonlijke voorstelling tot nu toe noemt, luisteren we naar de relatieperikelen van twee dertigers, gespeeld door een witte actrice (Stefanie van Leersum) en een zwarte acteur (Anton de Bies).

Tussen de tribune en de twee acteurs loopt een fietspad dat gewoon toegankelijk is. Een leuke vondst, vooral natuurlijk als De Bies toe is aan de tekst: 'Misschien kunnen we achterop bij iemand, een fietser.' In Het R-woord gaat het om de (mis)communicatie tussen een man en een vrouw die al enige tijd een relatie met elkaar hebben. De ruzies en de ruzietjes tussen de twee blijken tegen het eind van de voorstelling te maken hebben met een ingrijpend verlies waarop de twee op verschillende manieren reageren.

Het R-woord mag dan wel Veenstra's meest persoonlijke voorstelling zijn, het plot is al in duizenden boeken en films behandeld. Op zich hoeft dat geen probleem te zijn. Maar dan zou Veenstra er wel in geslaagd moeten zijn - met het typische van Amsterdam, of met het specifieke van dertigers van nu - nieuwe aspecten aan zo'n thema toe te voegen. Helaas komt dat niet echt uit de verf.

Voor het kunnen volgen van het verhaal is het niet storend, maar het is vreemd dat noch regisseur Lonwijk, noch anderen die bij deze productie zijn betrokken, het foutieve gebruik van het begrip 'metafoor' hebben gecorrigeerd. Een aantal keer volgt na wat een hypothetische beschrijving is de opmerking dat het om een metafoor zou gaan. Mijn vorige alinea heb ik bewust afgesloten met een taaluiting die wel een metafoor is en niet een denkbeeldig voorbeeld. Misschien hebben de makers er wat aan.

In Tussen werven en hotels, een monoloog, gespeeld door Stefan Rokebrand in een sobere regie van Olivier Diepenhorst, beschrijft Veenstra in prachtige poëtische zinnen de veranderingen waarmee de bewoners van Tuindorp Oostzaan te maken kregen. De tekst van Kafir, geregisseerd door Veenstra zelf, was minder geslaagd. En ook nu in Het R-woord overtuigt Veenstra als toneelschrijver niet. Niet zozeer omdat het taalgebruik af en toe slordig is, maar vooral omdat Het R-woord nauwelijks iets toevoegt aan wat er al over relatieproblemen is geschreven. Na Tussen werven en hotels had ik meer verwacht van de volgende delen van Kronieken van de stad.
 Gezien op het OVER HET IJ FESTIVAL

 Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Over Het IJ Festival

Recensie: Assholism-a-story-without-a-story-but-with-a-lot-of-ass van Pink Flamingooo

●●○○○

 

ASSHOLISM-A-STORY-WITHOUT-A-STORY-BUT-WITH-A-LOT-OF-ASS


PINK FLAMINGOOO




Door Piet van Kampen, gezien 13 juli 2018

Wat een verrassende en leuke enscenering, geen tribune, geen aparte speelvloer voor de acteurs. Bij Assholism (…) kom je in een met een allegaartje van meubels ingerichte 'huiskamer' met glittergordijnen in plaats van wanden. Je kiest iets uit om op te gaan zitten. Naast of voor je een tafeltje met een schemerlamp en een bakje pinda's.

Gingerella (Willemijn Zevenhuijzen) - haar kleding opengeknipt bij borsten, venusheuvel en billen - neemt het woord: “I built a cosy livingroom and together with my beautiful darlings Miss Black and Miss L.H.Kitten I will give you an assholistic experience with some crooked acts.” Ook bij de kleding van Miss Black (Eva Zwart) en Miss Little Horny Kitten (Tessa Jonge Poerink) heeft de schaar ervoor gezorgd dat lichaamsdelen die meestal bedekt blijven juist benadrukt worden.

Assholism (…) speelt zich af in een intieme ruimte die lijkt uit te nodigen tot contact tussen spelers en publiek. Tussen spelers en elke toeschouwer apart zelfs. Maar terwijl de basisvorm (de enscenering, de kleding) die verwachting wekt, gebeurt in Assholism (…) het tegenovergestelde. Alsof de acteurs juist bang zijn voor dat contact.

Want vooral door het gebruik van handmicrofoons (en de volumeknop op tien) creëren de actrices in Assholism (…) een enorm pantser. Daarmee zorgen ze ervoor dat er (ook als ze vlak voor een toeschouwer staan) steeds een grote afstand blijft.
 

Assholism (…) is een voorstelling waarin drie vrouwen zich afzetten tegen 'normality'. Dat thema is na een paar scènes al wel duidelijk, een verrassende themawisseling is er niet. Waardoor de voorstelling, ondanks de exhibitionistische kledij en ondanks de provocerend bedoelde teksten, me al snel nauwelijks meer weet te boeien.

Al met al blijft Assholism-a-story-without-a-story-but-with-a-lot-of-ass van Pink Flamingooo steken in een verrassende vorm. Het ziet er veelbelovend uit, maar inhoudelijk is het oppervlakkig en nogal puberaal. En door het uit de weg gaan van echt contact met het publiek ook erg afstandelijk. Jammer. 


Gezien op het OVER HET IJ FESTIVAL
Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Over Het IJ Festival

Recensie: Tiefer Schweb van Münchner Kammerspiele / Christoph Marthaler

●●○○○

 

TIEFER SCHWEB


MÜNCHNER KAMMERSPIELE / CHRISTOPH MARTHALER




Door Piet van Kampen, gezien 28 juni 2018

 

20.30 tot 21.50 uur. Het geduld van het publiek wordt op de proef gesteld.

We zijn in de toekomst, er zijn problemen met onder meer gevaarlijke bacteriën, klimaatverandering, migranten. In een onderwaterkamer, op het diepste punt van het Bodenmeer (dat ook het drielandenpunt is van Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland), buigt een ambtelijke commissie zich over die problemen. Acht commissieleden, twee vrouwen en zes mannen. Zeven daarvan gaan zich excessief te buiten aan abstract ambtenarenjargon. De achtste roept wanhopig: 'Concreet!'. Regelmatig onderbreken ze hun beraadslagingen voor meerstemmig gezang.

Een commissielid vertelt hoe ze er als kind van droomde om ooit eens het Bodenmeer over te zwemmen. Een geïmmigreerd commissielid slaagt voor zijn inbeieringstoets en mag daarom een Lederhose dragen. Een derde commissielid legt uit dat er maar één hoofdzonde is: ongeduld. Weer meerstemmige gezang. Waaronder volksliedjes uit Duitsland. Of Oostenrijk. Of Zwitserland.

Tijdens zo'n lied met heel veel coupletten maak ik alvast notities over wat ik tot dan toe heb gezien. [De discussies aan de vergadertafel beginnen normaal, maar de teksten worden in no time absurdistisch. Dat is wel leuk, maar dat aaneenrijgen van woorden is typisch voor het Duits. Is dit sowieso niet te Duits? Te Beiers? Werkt dit in Amsterdam? En die liedjes? Die roepen hier toch geen herkenning op? Zouden er toeschouwers weglopen? Ik kijk even. Een stuk of tien. Valt mee] Daarna schrijft een commissielid een brief aan haar geliefde op de oever. Een accordeon komt op eigen houtje uit de coulissen. Vier commissieleden zingen meerstemmig. Met hun hoofden in een urinoir.

21.50 tot 22.35 uur. Het geduld van het publiek wordt beloond.

Zowel Simon & Garfunkel, Procol Harum als Leonard Cohen 'treden op' in de onderwaterkamer. Niemand loopt nu meer de zaal uit. Er klinkt zelfs een voorzichtig aanzetje tot een open doekje. Na Blute nur, du liebes Herz uit de Matthäuspassion van Bach en een paar Zwitserse volksliedjes is het tijd voor filosofische overpeinzingen: Wat is het wezen van de commissiemens? Denken is willen, willen is denken. Is het willen van het niet-willen ook willen?

Er komt tempo in de voorstelling. De commissieleden verschijnen in Duitse, Oostenrijkse, Zwitserse en Chinese klederdracht. Dat laatste omdat ze Chinees willen leren. Als ze in wit ondergoed met planken en prikkeldraad in de weer zijn, meldt Radio Konstanz nog meer onheil. De acht nemen weer plaats aan de vergadertafel om zich over de nieuwe problemen te buigen. Na nog wat gedelibereer en meerstemmig gezang zit hun werk er na ruim twee uur op. Alle acht krijgen ze bloemen.

Bij de première van Tiefer Schweb in München op 24 juni 2017 zijn er regelmatig open doekjes. En de acteurs moeten ook nog eens een keer of tien terugkomen voor applaus. Een groot succes dus daar in de Beierse hoofdstad.

Na Seemannslieder, Maeterlinck en Der Entertainer is dit mijn vierde Marthaler. Bij Seemannslieder (2004) had ik houvast aan Kniertje uit Op Hoop van Zegen en aan de Nederlandse en Vlaamse zeemansliedjes (dankzij Hadewych Minis, Chris Nietveld en Bert Luppes). Bij Maeterlinck (2007) stond de klok op het podium stil en gebeurde er een half uur bijna niets. Dat bij een voorstelling van Marthaler geduld een schone zaak is, wist ik dus al. Der Entertainer (2016) beviel me het meest, misschien omdat ik het stuk (van John Osborne) al kende. 
Mijn probleem met Tiefer Schweb is niet de typische Marthalerstijl waarin Bach en volksliedjes elkaar afwissen, waarin steeds het absurde wordt opgezocht en waarin het geduld van het publiek op de proef wordt gesteld. Mijn probleem is dat grappen over het Duitse ambtenarenjargon en Duitse, of Oostenrijkse, of Zwitserse volksliedjes simpelweg te ver van me af staan.

Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL
 

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Münchner Kammerspiele

Recensie: Gesualdo van De Warme Winkel & Nederlands Kamerkoor

●●●○○

 

GESUALDO

 

DE WARME WINKEL & NEDERLANDS KAMERKOOR




Door Piet van Kampen, gezien 22 juni 2018 

Carlo Gesualdo (1562-1613). Een van de grootste componisten uit de late Renaissance, maar ook een man met een zeer tot de verbeelding sprekende levensgeschiedenis. Niet zo gek dus dat de directeur van het Nederlands Kamerkoor De Warme Winkel benaderde voor een samenwerkingsproject. En niet zo gek dus dat het acteurscollectief daar graag op inging. De theatermakers van De Warme Winkel zijn tenslotte specialisten in het vertellen van verhalen over leven en werk van kunstenaars.

Tot nu toe gingen bijna alle voorstellingen van De Warme Winkel over schrijvers of dichters. Daarin lieten ze zelf én fragmenten uit het werk horen én beeldden ze scènes uit het leven van de schrijver uit. Bij Gesualdo is dat anders. Vincent Rietveld, Mara van Vlijmen en Ward Weemhoff (en de gastacteurs Florian Myjer en Marieke de Zwaan) leven hun creativiteit volledig uit op de waanzinnige verhalen die over prins Carlo Gesualdo de ronde doen. De fragmenten uit het werk van de componist laten ze over aan de tien zangers van het Nederlands Kamerkoor. 


Dat de muzikaal voor zijn tijd zeer vooruitstrevende Gesualdo zijn vrouw en haar minnaar vermoordde, berust vrijwel zeker op waarheid. Maar dat hij er opgewonden van raakte als hij dieren martelde? Of als hij zich door zijn personeel liet geselen? Feit of mythe. De Warme Winkel maakt geen onderscheid. En omdat het bizarre leven van de componist daar nou eenmaal om vraagt, zitten er in Gesualdo ook scènes die pure horror zijn. Maar dan wel altijd met een humoristische ondertoon. 
 
In het overheersend roze decor staan een chaise longue, drie bomen, en een muur van iets dat nog in aanbouw is. De voorstelling begint als Ward Weemhoff omstandig zijn handen tegen elkaar wrijft om ze te verwarmen. Meer zeg ik niet over de openingsscène. Gesualdo is een voorstelling waarbij de verrassing essentieel is. Ben je van plan er naartoe te gaan? Lees er dan niet te veel over. Stop voor alle zekerheid ook maar met het lezen van deze recensie.

Omdat voorstellingen van De Warme Winkel altijd bewust niet stijlvast zijn, zal ook deze keer de appreciatie wel weer per scène verschillen. Dat ik bijvoorbeeld die waarin Vincent Rietveld als derderangs variétéartiest een etentje komt verstoren erg matig vind, zegt daarom ook iets over mijn smaak. Die scène is overigens de enige waarin een acteur zingt. Nou ja, zingt. Met geluiden die doen denken aan het krassen van een kraai, martelt Rietveld Gesualdo's Moro, lasso! zodanig dat er van dat madrigaal uiteindelijk alleen nog maar een zielig hoopje ellende over is. 


Niet alle scenes overtuigen me. Maar de gouden steiger. Om je vingers bij af te likken. De engel en de duivel op wieltjes. Wat een inventiviteit. De scène met de schommel. Pure suggestie, waarbij je toch huivert. Ik tenminste wel. Wat met een naald en een oog gebeurt (in wat ik maar even een Florentina Holziger-scène noem). Verrukkelijke horror. Maar op nummer één komt voor mij toch de originele manier waarop Florian Myjer door Rietveld en Weemhoff wordt gemarteld, terwijl hij een brief van de directeur van het Nederland Kamerkoor probeert voor te lezen.

Met als uitzondering een duet tussen Mara van Vlijmen en vijf zangers blijven de geacteerde scènes en het koorwerk heel lang strikt gescheiden. Eerst de acteurs. Dan, afhankelijk van of het een madrigaal of een kerkelijk werk is, vijf of tien zangers. Pas als die weer veilig in de coulissen zijn, de acteurs voor hun volgende scène. Enzovoorts. Pas het laatste half uur verandert dat. Rijkelijk laat vind ik.
 
Prachtige muziek. Goede zangers. Het is echt genieten van het Nederlands Kamerkoor. Maar Gesualdo zal me toch vooral bijblijven als een voorstelling waarin De Warme Winkel op een inventieve en geestige manier de meest weerzinwekkende gruwelijkheden uitbeeldt.

Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Nederlands Kamerkoor

Recensie: JR van FC Bergman

●●●○○

 

JR

 

FC BERGMAN




Door Piet van Kampen, gezien 18 juni 2018 

Het decor van JR is een enorme constructie, een open 'gebouw' van veertien meter hoog, met vier verdiepingen en vijfentwintig kamers. Dat enorme decor symboliseert de grootheidswaan van de personages: beurshandelaren en (gefrustreerde) kunstenaars. In en om dat 'gebouw' achttien acteurs (waarvan twee met een camera), eenentwintig figuranten, zevenentwintig crewleden, en ruim vijfhonderd rekwisieten.

Van de vier 'Bergmannen' lopen Joé Agemans en Thomas Verstraeten met een camera, regisseert Stef Aerts ter plaatse waar dat nodig is, en speelt Marie Vinck mee als schooljuf. De overige acteurs zijn gastacteurs van Toneelhuis, Olympique Dramatique, NTGent en KVS. Het publiek zit op vier tribunes aan de vier zijden van het 'gebouw' en ziet dus maar een deel van wat zich er afspeelt. Maar op lamellen op alle vier zijden wordt het live gefilmde verhaal integraal geprojecteerd.

Dat verhaal is gebaseerd op de gelijknamige roman van William Gaddis uit 1975. Tijdens een bezoek met zijn klas aan Wall Street leert de elfjarige JR Vansandt hoe het beurssysteem werkt: 'Je moet spelen om te winnen, en als je speelt moet je winnen.' Met als start een aandeel Typhoon van zevenentwintig dollar bouwt JR aan een imperium.

Omdat hij een kind is, heeft JR geen moreel besef, hij ziet alleen kansen en mogelijkheden. Met als stroman zijn leraar Bast (die eigenlijk liever componist zou zijn) en met een leger advocaten en spindoctors veroorzaakt JR toenemende paniek in de beurswereld. Maar uiteindelijk is de aardige en meegaande Bast het grootste slachtoffer.

De twee uur tot de pauze is JR een snelle, voortdurend van aandachtspunt wisselende voorstelling. Een verhaal waarin JR met zijn acties zowel de amorele wereld van grote beursgenoteerde bedrijven als de levens van in hun ambities gefnuikte kunstenaars ontwricht. Met geweldig goed acteerwerk van Jan Bijvoet (als dronken schrijver), Geert Van Rampelberg (als patserige beurshandelaar) en Oscar Van Rompay (als timide componist). 


In de anderhalf uur na de pauze wordt eenzijdig gefocust op de 'losers'. De veel te lange scènes over een drugsverslaafde vrouw (Anne-Laure Vandeputte) en de alcoholische schrijver halen de vaart en de afwisseling uit de voorstelling. Jammer. Gelukkig is de slotscène waarin de wanhopige Bast een vergeefse poging doet om JR het belang van immateriële waarden te laten inzien weer wel de moeite waard.


Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: FC Bergman

RIROTONEELRECENSIES: TOPVIJF VAN ACTEURS VAN HET SEIZOEN 2017-2018.

 

TOPVIJF VAN ACTEURS VAN HET SEIZOEN 2017-2018




Door Piet van Kampen, geplaatst 13 juni 2018

Vijf ten onrechte niet door de Toneeljury van de VSCD voor een van de Toneelprijzen 2018 genomineerde acteurs. In alfabetische volgorde.

Jan-Paul Buijs voor zijn rol in De Huisbewaarder van Toneelschuur Producties/Paul Knieriem
Door steeds heel zacht, maar toch goed verstaanbaar, te spreken, benadrukt Jan-Paul Buijs in De Huisbewaarder de kwetsbaarheid van zijn personage Aston. Ook met zijn lichaamstaal, met de uiterst trage manier bijvoorbeeld waarop hij in zijn zakken naar zijn aansteker zoekt, benadrukt hij die kwetsbaarheid. In de slotscène gaat Aston, ondanks de onzekere bewegingen die het gevolg zijn van zijn psychische handicap, voor zijn fysiek veel sterkere broer staan om de zwerver Davies de deur te wijzen. Het 'nee' dat in het script staat, is door wat Buijs met zijn lichaamstaal uitdrukt eigenlijk niet eens meer nodig.

Thomas Cammaert voor zijn rol in Romeo en Julia van Toneelgroep Oostpool

Cammaert zegt er als Lorenzo in de voorstelling zelf over: 'Frater Lorenzo, saaie kutrol, Jezus!' Maar de rol van Lorenzo in Romeo en Julia van Toneelgroep Oostpool is groter dan in de hedendaagse opvoeringspraktijk gebruikelijk is. Lorenzo heeft niet alleen het eerste, maar ook laatste woord. Thomas Cammaert is door de perfecte balans tussen de tongue in cheek manier waarop hij zijn tekst uitspreekt en de schalkse blik waarmee hij daarbij over zijn schouder de zaal in kijkt de uitblinker in deze radicaal bewerkte Romeo en Julia.

Jacobien Elffers voor haar rol in Ophelia van Veenfabriek /Joeri Vos

Jacobien Elffers maakt in Ophelia moeiteloos de tijdsprong van Ophelia die een dialoog heeft met Hamlet naar Harriet die bekvecht met Berlioz. Van het Engels met een Iers accent, als Harriet Smithson, schakelt ze probleemloos naar het Nederlands als ze redetwist met Hamlet of met de Regisseur. Ook met het Amerikaans Engels van een tiener en het Frans in het Chanson de Solomom heeft ze geen enkele moeite. Wat Elffers in de waanzinscène en in de sterfscène uit de opera Hamlet van AmbroiseThomas laat zien, is van ongekend hoog niveau.

Abke Haring voor haar rol in Platina van Toneelhuis & Zuidpool / Abke Haring

Haar voorstelling is opgenomen in RiRo's Toptien en geselecteerd voor zowel het Nederlandse als het Vlaamse Theaterfestival. Is dat niet genoeg? Nee, dat is niet genoeg. Want niet alleen als maker, ook als actrice levert Abke Haring met haar rol in Platina een prestatie van vanjewelste. Hoe ze staat, leunend op de tafel, linkerbeen gebogen, rechterbeen gestrekt naar achteren. Hoe ze daarbij met onrustige bewegingen de onhandigheid van de communicatie benadrukt. En dan ook nog eens haar superieure tekstbehandeling. 

Matthijs van de Sande Bakhuyzen voor zijn rol in Bij jou begin ik van Frascati Producties/Charli Chung

De manier waarop Matthijs van de Sande Bakhuyzen acteert in Bij jou begin ik, een monoloog van anderhalf uur, is overrompelend. Zijn timing, zijn expressie, zijn lichaamstaal, alles is zo precies, de pauzes tussen de woorden zo functioneel. Daardoor geeft Van de Sande Bakhuyzen je het gevoel dat zijn personage echt met het publiek in gesprek is, een dialoog heeft met elke toeschouwer. En die overrompelende manier van acteren weet hij de hele voorstelling vast te houden.

Dit zijn de veertien acteurs die door de Toneeljury van de VSCD Toneelprijzen wel werden genomineerd voor de Louis d’Or, Theo d’Or, Arlecchino en Colombina: 

Eelco Smits voor zijn rol in Vergeef ons - Toneelgroep Amsterdam / Toneelhuis
Bruno Vanden Broecke voor zijn rol in
PARA - KVS / David Van Reybrouck, e.a.
Steven Van Watermeulen voor zijn rol in Onderworpen - NTGent
Marieke Heebink voor haar rol in Oedipus - Toneelgroep Amsterdam
Karina Holla voor haar rol in ROMP - De Gemeenschap
Alejandra Theus voor haar rol in Revolutionary Road - Theater Rotterdam / Toneelschuur Producties
Michiel Blankwaardt voor zijn rol in Woiski vs Woiski - Orkater / Bijlmerpark Theater
Arnon Grunberg voor zijn rol in De Mensheid - LOD Muziektheater
Rick Paul van Mulligen voor zijn rol in Othello – Het Nationale Theater
Vanja Rukavina voor zijn rol in The Nation – Het Nationale Theater
Anniek Pheifer voor haar diverse rollen in Gidsland - mugmetdegoudentand
Maureen Teeuwen voor haar rol in Dumas/La Dame/DeSade - Maatschappij Discordia
Dionne Verwey voor haar rol in De Blackout van ’77 - Orkater / Sir Duke
Romana Vrede voor haar rol in
The Nation - Het Nationale Theater
Ga voor meer informatie over de VSCD Toneelprijzen naar:Theater Festival


Recensie: Anna Karenina-allerdings mit anderem Text und auch anderer Melodie van DeutschesSchauSpielHausHamburg/Clemens Sienknecht & Barbara Bürk

●●●●○

 

ANNA KARENINA-ALLERDINGS MIT ANDEREM TEXT UND AUCH ANDERER MELODIE

 

DEUTSCHES SCHAUSPIELHAUS HAMBURG / CLEMENS SIENKNECHT & BARBARA BURK


Door Piet van Kampen, gezien 8 juni 2018

Zoals ze dat in 2016 ook al deden met de roman Effie Briest van Theodor Fontane uit 1894, stoffen regisseurs Clemens Sienknecht & Barbara Bürk nu Anna Karenina van Tolstoi uit 1877 grondig af. Hetzelfde concept, nagenoeg dezelfde enscenering en dezelfde acteurs. Radio Briest van toen is omgedoopt in Radio Karenina en de live gespeelde hits zijn nu bijna allemaal uit de zeventiger en tachtiger jaren.

Eerst komt alleen Clemens Sienknecht het podium op, met blonde pruik. Op gitaar, keyboard en drums mixt hij stap voor stap het nummer Lisztomania van Phoenix. Dan is het zover, op Radio Karenina begint de radioserie Berühmte Seitensprünge der Weltliteratur. Deze keer met in de tragische hoofdrol Anna Karenina, die als een blok valt voor graaf Vronski in glitterpak (Yorck Dippe). Met hem lijkt ze het geluk te hebben gevonden. Maar helaas, het loopt niet goed af. Het omgekeerde overkomt Kitty die eerst door Levin is afgewezen, maar uiteindelijk toch met hem trouwt. In een hilarische ceremonie met Michael Wittenborn als pope.

De radioshow (en dus het spel) wordt regelmatig onderbroken door reclamespotjes en flitsmeldingen. Maar vooral door live uitgevoerde muziek die aansluit bij het verhaal, van onder meer The Bangels, Eurythmics, Grandmaster Flash, Pink Floyd, en Michael Jackson. Net als bij Effie Briest zijn het Engelstalige songs en is er geen enkele Duitstalige schlager bij. Wel weer op het eind één Frans chanson, gezongen door Ute Hannig als Anna. Als afsluiter vertolkt Sienknecht loepzuiver Don't Talk (Put Your Head On My Shoulder) van de Beach Boys. Op de valreep toch nog even een uitstapje naar de sixties dus.

Boven mijn recensie van Effie Briest - allerdings mit anderem Text und auch anderer Melodie, ook van DeutschesSchauSpielHausHamburg, zette ik twee jaar geleden drie groene ballen. Meteen na de voorstelling van vanavond wist ik dat het er nu boven Anna Karenina vier moesten worden. Maar een sluitende verklaring voor dat gevoelsmatige besluit heb ik niet. Want hoe kan het dat ik Anna Karenina hoger aansla terwijl het procedé nagenoeg identiek is? Komt het omdat ik het verhaal van Anna wel al ken, terwijl het verhaal van Effie toen nieuw voor me was? Dat ik daardoor de grappen en verwijzingen nu sneller oppik?

Het kan natuurlijk ook dat Anna Karenina gewoon beter in elkaar zit dan Effie Briest. Tenslotte hebben de makers de gelegenheid gehad minder sterke punten te verbeteren. Is dat het? Als het om films zou gaan, zou ik het kunnen controleren. Maar het is toneel, ik moet het doen met alleen mijn geheugen. Zijn die vier groene ballen dan wel terecht? Ja, toch wel. Al was het alleen maar voor de met een open doekje beloonde manier waarop Sienknecht halverwege de voorstelling, zichzelf begeleidend op keyboard, losse zinnen met het woord 'love' uit ruim vijftig verschillende popsongs aan elkaar zingt.

Bij Schauspiel Hannover maakten Sienknecht & Bürk ook nog Madame Bovary - allerdings mit anderem Text und auch anderer Melodie. In een vergelijkbaar concept. Dus ook met live uitgevoerde hits. Maar dan zonder het radio-aspect, en met acteurs van Schauspiel Hannover.
Gezien tijdens HOLLAND FESTIVAL

Ga voor voor meer informatie naar: Deutsches Schauspielhaus Hamburg

RIRO'S TOPTIEN VAN HET SEIZOEN 2017 - 2018

RIRO'S TOPTIEN VAN HET SEIZOEN 2017-2018



Door Piet van Kampen, 5 juni 2018

Van de zestig voorstellingen die ik het afgelopen seizoen zag, maakten deze de meeste indruk:

1.   Para van David Van Reybrouck, Raven Ruëll & Bruno Vanden Broecke / KVS
2.   Platina van Toneelhuis & Zuidpool / Abke Haring
3.   Uit het leven van marionetten van Toneelgroep Amsterdam / Nanouk Leopold
4.   De Huisbewaarder van Toneelschuur Producties / Paul Knieriem
5.   Vanish Beach van Hof van Eede
6.   Weiblicher Akt 8: Dumas/LaDame/DeSade van Maatschappij Discordia
7.   Majakovski/Oktober van De Warme Winkel
8.   Poquelin II van Tg STAN e.a.
9.   Plattegrond van de kunst en omstreken van 't Barre Land
10.  Uit de tijd vallen van Theater Zeelandia & LOD / Marlies Heuer

Een bijzondere vermelding krijgt Orfeo-je suis mort en Arcadie van Théâtre des Bouffes du Nord / Samuel Achache, Jeanne Candel & Florent Hubert. Uit Parijs. Dus niet uit Nederland of Vlaanderen. 

De voorstelling Chekhov’s First Play van Dead Centre uit Dublin die bij RiRo's toptien van vorig seizoen een bijzondere vermelding in de wacht sleepte, is van 11 t/m 13 oktober te zien in de Stadsschouwburg Amsterdam.

Theaterverhaal: Over de dood. En over rouwen. Marlies Heuer met een tekst en acteren / Alain Platel met een film en muziek

 

OVER DE DOOD. EN OVER ROUWEN.


MARLIES HEUER MET EEN TEKST EN ACTEREN / ALAIN PLATEL MET EEN FILM EN MUZIEK




Door Piet van Kampen, geplaatst 31 mei 2018

Marlies Heuer balanceerde zelf op het randje van de dood, Alain Platel verloor onder meer zijn vader. Beiden maakten een voorstelling waarin de dood en rouwen de hoofdthema's zijn. Ik zag de twee voorstellingen vlak na elkaar. Op vrijdag 18 mei REQUIEM POUR L van les ballets C de la B / Alain Platel & Fabrizio Cassol in de Stadsschouwburg Amsterdam. Vijf dagen later, op woensdag 23 mei, in de Toneelschuur in Haarlem, Uit de tijd vallen van Theater Zeelandia en LOD / Marlies Heuer.

Mevrouw L wist dat ze ging sterven en liet haar sterfbed filmen. Ruim anderhalf uur laat Alain Platel ons in close-up naar haar gezicht kijken totdat uiteindelijk haar mond openvalt. Voor alle zekerheid imiteert de accordeonist op dat moment het geluid van de laatste adem.

REQUIEM POUR L is behalve film ook muziek. Daarbij maken de vijftien zangers en muzikanten weliswaar door Platel gechoreografeerde dansbewegingen. Maar echte dansers, zoals in andere voorstellingen van Platel, zijn er niet. Acteurs ook niet. De meeste zangers en muzikanten zijn zwart. Mevrouw L is wit. De door Cassol gecomponeerde muziek in REQUIEM POUR L begint steeds met een fragment uit het Requiem van Mozart om dan over te gaan in iets anders. Na een half uur is de verrassing - de overgang van Mozart naar Afrikaanse ritmes, en de switch van Latijn naar Linghala of Swahili - wel uitgewerkt. Nou vooruit dan, na drie kwartier.

De overgrote meerderheid van het publiek applaudisseert na REQUIEM POUR L langdurig. Ben ik de enige die vindt dat Platel en Cassol opzichtig op de ontroering hebben ingezet?

Vijf jaar na de dood van zijn in Libanon gesneuvelde zoon Uri vindt de Israëlische schrijver David Grossman met Uit de tijd vallen, een verhaal in stemmen (2012) een manier om het verdriet van ouders die een kind verliezen onder woorden te brengen. Hij gebruikt daarbij verschillende vertelvormen naast elkaar: de structuur lijkt op die van een toneeltekst, de woorden zijn soms pure poëzie, op andere momenten lyriek. Het is een boek dat vraagt om een toneelbewerking.

Marlies Heuer deed dat, ze bewerkte samen met Alex Mallems de tekst van David Grossman (in de vertaling van Ruben Verhasselt, niet Hasselt zoals in de voorstellingsinformatie staat), regisseerde de voorstelling zelf en speelt ook een van de personages. In augustus 2017 was de voorstelling te zien tijdens het Zeeland Nazomerfestival, in mei 2018 is er een korte tournee.

Zoekende poëtische zinnen van de man (Theo Nijland) en de vrouw (Marlies Heuer) en recht voor zijn raap proza van de Centaur (Dic van Duin) wisselen elkaar af. De beschrijvingen van de stadschroniqueur (een uitstekende Jan-Paul Buijs) zorgen voor de verbinding daartussen. Met de manier waarop ze de zes acteurs hun teksten laat zeggen en waarop ze ze laat bewegen, voegt regisseur Heuer met haar voorstelling een extra laag toe aan Grossmans toch al aangrijpende tekst.

In Uit de tijd vallen wordt met tekstbehandeling of acteren op geen enkel moment op effect gespeeld. Juist daarom ontroert deze voorstelling veel meer dan die van Platel en Cassol. Na het Zeeland Nazomerfestival was Uit de tijd vallen nog zes keer in een zaal te zien. Dat is veel te weinig.
Ga voor meer informatie over REQUIEM POUR L naar: les ballets C de la B

Ga voor voor meer informatie over Uit de tijd vallen naar: Theater Zeelandia